English: click here!

Shavuot! Het is nu Pinksterfeest!

Exodus 34:22 Ook moet u voor uzelf het Wekenfeest houden, dat is het feest bij de eerste vruchten van de tarweoogst;

We hebben de omertelling nu achter de rug. Het waren zeven weken van zeven dagen. Vandaar de Hebreeuwse naam “Shavuot = Wekenfeest”. Nu is het de vijftigste dag..... het is Shavuot! Wekenfeest! Pinksteren! De vertaling van het woord 50 naar het Grieks is ‘Pentekoste’ (Pinksteren). Het woord  ‘Pentekoste’ komt in de Septuagint (het Griekse eerste testament) meermalen voor. 

De Septuaginta- schrijvers gebruikten het woord ook in twee andere betekenissen: om het jubeljaar aan te duiden (Leviticus 25:10), een gebeurtenis die elk 50ste jaar plaatsvindt, en als een rangtelwoord. Het is het enige feest in de Bijbel waarvoor geen datum is vastgesteld.

 “U moet dat feest voor uzelf houden”. Wij hebben het in Gods ogen blijkbaar nodig om stil te staan, te rusten van ons dagelijks werk om onze gedachten te bepalen bij Gods inzetting van deze Jom Bikoeriem. Exodus 34:22 staat vermeld direct na het gebod tot het houden van de sabbat.

De oogsttijd was altijd een feestelijke tijd. Eerst was er in het oogstseizoen de gersteoogst en zeven weken later de tarweoogst.

Shavuot is het feest van de eerstelingen van de tarweoogst. De landbouwers in Israël brachten hun eerste vruchten naar de tabernakel in Silo. In de eerste en tweede tempelperiode brachten ze hun gevulde manden naar de tempel te Jeruzalem. Ze brachten de eerste schoof (et omer reshiet אֶת-עֹמֶר רֵאשִׁית) naar de priester.

Deuteronomium 8:7,8 Want de HEERE, uw God, brengt u in een goed land: een land met waterbeken, bronnen en diepe wateren, die ontspringen in het dal en op het gebergte; een land met tarwe en gerst, wijnstokken, vijgenbomen en granaatappels; een land met olierijke olijfbomen en honing;

Na Pesach was er een “dag van de eerstelingen” (בִּכּוּרִ֖ים יוֹם yom bikoerim), maar ook op Shavuot.  De eerste vruchten waren: tarwe, gerst, druiven. vijgen, granaatappels, olijven en dadels.

De pelgrims trokken zingend en dansend op naar Jeruzalem:

Psalm 122:1 Ik ben verblijd, wanneer zij tegen mij zeggen: Wij zullen naar het huis van de HEERE gaan!

en als ze Jeruzalem binnengingen zongen ze:

vers 2. Onze voeten staan binnen uw poorten, Jeruzalem!

Het feest van de eerstelingen dat na Pesach gevierd wordt, getuigt van de opstanding uit de dood van Yeshua onze Messias. Die Zelf het beweegoffer werd voor Gods troon.

zie deze pagina 

HET WEKENFEEST of PINKSTEREN getuigt dat de Tora, d.w.z. Gods Woord en Gods Geest één zijn. Dat we de Geest nodig hebben om in de Tora te wandelen, en dat we de Tora nodig hebben om door de Geest te wandelen. Dat we door de Tora en de Geest moeten leven en bewegen terwijl we wachten op de komst van Yeshua, onze Bruidegom. ( Zoals de lentefeesten werden vervuld in Messias Yeshua).  En met de omertelling leefden we vanaf het feest van de Eersteling toe naar dit Wekenfeest. Het is een oogstfeest, waarop het graanoffer wordt gebracht.

In het vernieuwde verbond laat het wekenfeest de geestelijke vervulling zien: een feest van eerstelingen uit de mensen. De twee broden die als beweegoffer aan God worden aangeboden zijn nu met zuurdesem gebakken.

Leviticus 23:15-17 U moet dan vanaf de dag na de sabbat gaan tellen, vanaf de dag dat u de schoof van het beweegoffer gebracht hebt. Zeven volle weken zullen het zijn. Tot de dag na de zevende sabbat moet u vijftig dagen tellen. Dan moet u de HEERE een nieuw graanoffer aanbieden. Uit uw woongebieden moet u twee broden meebrengen, bestemd voor een beweegoffer. Ze moeten van twee tiende efa meelbloem zijn, met zuurdeeg gebakken; het zijn de eerstelingen voor de HEERE.

Het ongezuurde brood dat met Pesach gegeten werd, beeldde Yeshua uit die smetteloos, zonder zonde was. Deze broden laten de verloste gelovigen zien waarbij de zonde (zuurdesem) onwerkbaar is geworden door de heiliging (bakproces) met Gods Woord en Geest.

Numeri 28:26 Ook op de dag van de eerstelingen, als u op uw Wekenfeest de HEERE een nieuw graanoffer aanbiedt, moet u een heilige samenkomst houden; geen enkel dienstwerk mag u dan doen.

In deze tekst zien we dat God ons vraagt een heilige samenkomst te houden. In onze tijd zal dat geen grote bijeenkomst zijn, maar ook waar twee of drie in de naam van Yeshua samenkomen is Hij in hun midden. (zie hier een liturgie voor de huiselijke samenkomst) Bij de opdrachten voor het wekenfeest werden ook offers gevraagd. Wij mogen bij brood en wijn het offer van Yeshua gedenken, Hem prijzen met de offerdienst van onze lippen en – zoals Paulus zegt in Romeinen 12:1, 2: "...om uw lichamen aan God te wijden als een levend offer, heilig en voor God welbehaaglijk...om te kunnen onderscheiden wat de goede, welbehaaglijke en volmaakte wil van God is".

De Joodse traditie heeft later ingevoerd, dat de wetgeving op de Sinaï, 50 dagen na de uittocht, op de dag van het Wekenfeest was. Dat wordt ook ieder jaar met Shavuot herdacht. Dit wordt “Matan Tora” (= geven van de Tora) genoemd. De wetgeving op de Sinaï vond plaats vlak na de zonde met het gouden kalf. Drieduizend mensen vonden in Gods oordeel daarover, de dood (Exodus 32:8, 28). Hetzelfde aantal kwam met Shavuot tot levend geloof. (Handelingen 2:41) Drieduizend mensen stierven – drieduizend mensen werden opnieuw geboren.

Psalm 68:18,19 De strijdwagens van God zijn tweemaal tienduizend, ontelbare duizenden. De Heere is bij hen, een Sinaï in heiligheid.  U bent opgevaren naar omhoog, U hebt gevangenen weggevoerd, U hebt gaven genomen om uit te delen onder de mensen, ja, ook aan opstandigen: om bij U te wonen, HEERE God!

Met Pinksteren worden de gaven uitgedeeld aan de mensen.

Hemelvaart en Pinksteren werden al geprofeteerd in Psalm 68. Ook hier wordt het in verband met de Sinaï gebracht. Daar waren Gods strijdwagens, engelenmachten, de heerlijkheid van God was op de Sinaï neergedaald en daalde nu neer op de harten van mensen die berouw kregen en zich bekeerden.  David spreekt in deze psalmverzen tot God en looft Hem om wat Hij gedaan heeft. Dat wat met Pinksteren in Jeruzalem gebeurde,  waren de gaven die werden uitgedeeld, nadat Yeshua het dodenrijk had overwonnen en de zielen van degenen die krijgsgevangenen waren in het dodenrijk, had meegevoerd. 

De discipelen spraken vrijmoedig vanuit Gods Geest tot de Joden, waarvan er velen vanuit de diaspora naar Jeruzalem waren gekomen voor het Wekenfeest. Het waren hier niet de farizeeën en schriftgeleerden die, zoals gebruikelijk de leiding hadden. Het waren de vanouds vissersmannen die van God de autoriteit kregen om Zijn Woord te spreken. Het werd door God bevestigd door het zichtbare vuur op hun hoofden, het geluid van een geweldige windvlaag en het spreken in allerlei talen.   

Die geweldige windvlaag doet ons denken aan wat Yeshua tot Nicodemus sprak:
Johannes 3:8 De wind waait waarheen hij wil en u hoort zijn geluid, maar u weet niet waar hij vandaan komt en waar hij heen gaat; zo is het met iedereen die uit de Geest geboren is.

Wat er gezegd wordt over die windvlaag en de tongen van vuur is een  bijna overeenkomende beschrijving van wat er op de Sinaï gebeurde toen de geschreven wet werd gegeven. Woord en Geest, ze horen bij elkaar! 

Het is goed om die rede van Petrus aandachtig te lezen. Je proeft dat Gods Geest door hem heen sprak. Hij riep de mensen op tot bekering, een oproep die ook vandaag nog klinkt in de wereld:

Handelingen 2:38 En Petrus zei tegen hen: Bekeer u en laat ieder van u gedoopt worden in de Naam van Jezus Christus, tot vergeving van de zonden; en u zult de gave van de Heilige Geest ontvangen.

Handelingen 2:41 Zij nu die zijn woord met vreugde aannamen, werden gedoopt; en ongeveer drieduizend zielen werden er op die dag aan hen toegevoegd.
Deze wereld gaat verloren. De deur is nog open om te komen met berouw en je over te geven aan Hem die je geschapen heeft en je roept. Verhard je niet en laat je leiden! Psalm 95:8

Zoals we zien zijn er genoeg redenen om een blij feest te vieren in dankbaarheid aan God, die ons straks de hele oogst van mensen zal laten zien, die het louteringsproces van de Heilige Geest hebben doorstaan. Zij zijn gelijk geworden aan de ultieme EERSTELING: YESHUA, het smetteloze Lam dat voor ons is geslacht en alleen waard is de zegels te openen, zodat het KONINKRIJK van God op aarde kan aanbreken.

Bovenstaande tekst werd door Petrus geciteerd op de Pinksterdag!