English & other languages: click here!

 De Bijbel verminkt en aangetast

"Is het wel zo dat God gezegd heeft?“ (Genesis 3:1) Met deze vraag ontstaat de zonde in de wereld. De eerste fout was het WEGLATEN van GODS WOORDEN! De nieuwe Bijbel vertalingen maken God tot leugenaar. in Kol.1:14, uit God de Zoon Jezus Christus in Matt.5:22 (waarin wordt getoond dat een Christen WEL toornig mag worden, met de beperking van Efeze 4:26!) en uit God de Heilige Geest in Markus 1:2.

Door het bekijken van de youtube van Wilco Vos, "Maakt het echt uit welke Bijbel je leest?" hebben we ons verdiept in de verschillende vertalingen.  Ik maak graag gebruik van de Herziene Statenvertaling en voor zover ik kan beoordelen vind je daarin  geen weglatingen van de Naam van Yeshua/Jezus. Maar bij de oude vertrouwde NBG vertaling hier en daar wel. De lijst van vertaalafwijkingen had nog wel langer kunnen worden. 

In de Telos vertaling, de Leidse vertaling, de Nieuwe Bijbelvertaling en de Wereldvertaling wordt de tekst Handelingen 8:37 gemist. Voor ons een heel belangrijke tekst, die komt uit het verslag van de doop van de kamerling:
En Filippus zeide: Indien gij van ganser harte gelooft, zo is het geoorloofd. En hij, antwoordende, zeide: Ik geloof, dat Jezus Christus de Zoon van God is. 

Ik vond daarover een verklaring op internet.

LIJST VAN WEGGELATEN WOORDEN

Mattheus 1:25: eerstgeboren

Mattheus 6:33: Goden

Mattheus 8:29: Jezus

Mattheus 9:13: tot bekering

Mattheus 12:35: des harten

Mattheüs 12:47 vers eruit.

Mattheüs 13:51: en Jezus zeide tot hen

Mattheus 16:3: Gij geveinsden

Mattheus 16:20: Jezus

Mattheus 18:11: Hele vers is eruit

Mattheüs 19:9: laatste acht worden eruit (overspel)

Mattheus 19:17: God

Mattheüs 17:21: Hele vers is eruit

Mattheus 1:16: Jozef de vader van Jezus

Mattheüs 20:7: en zo wat recht is, zult gij ontvangen

Mattheüs 20:16: „want weinig velen zijn geroepen, maar uitverkoren“ is eruit.

Mattheüs 20:22: en met den doop gedoopt worden, waarmede ik gedoopt woord.

Mattheüs 23:14: Alles/gedeelte over geveinsden is eruit

Mattheüs 25:13: in dewelke de Zoon des mensen komen zal

Mattheüs 27:35: door zou worden voltooid, gezegd is den bedoeld

Mattheus 28:2: van de deur

Mattheüs 28:9: En als zij heengingen om Zijn discipelen te boodschappen

Markus 1:2: de Profeten

Markus 1:14: van het Koninkrijk

Markus 2:17: tot bekering

Markus 6:11: Voorwaar zeg ik u: het zal Sodom van Gomorra …dan dezelve stad.

Markus 7:16: Dit vers is eruit (Zo iemand oren heeft om te horen, die hore).

Markus 9:24: Heere

Markus 9:42: deze kleinen, die in Mij geloven. (in Mij) is eruit.

Markus 9:44,46: Hele vers is eruit (Waar hun worm niet sterft en het vuur niet uitgeblust wordt).

Markus 10:21: Neem het kruis op

Markus 11:10: in den Naam des Heeren

Markus 1126: Hele vers is eruit.

Markus 12:29-30: van al de geboden…. Dit is het eerste gebod

Markus 13:14: waarvan door den bedoeld Daniël gesproken is,

Markus 14:68: en de haan kraaide

Markus 15:28: Hele vers is eruit (En de Schrift is vervuld, die daar zegt: En Hij is met de misdadigers gerekend).

Markus 16:9-20: Al de twaalf verzen zijn eruit (Omdat ze niet in de Vaticanus en de Sinaïticus manuscripten staan).

Lukas 1:28: Gij zijt gezegend onder de vrouwen

Lukas 2:33: „Jozef“ is veranderd in „vader“

Lukas 2:43: „Jozef en Zijn moeder“ wordt veranderd in „Zijn ouders“

Lukas 4:4: maar bij alle woord Gods

Lukas 4:8: Ga weg van Mij, satan

Lukas 4:41: de Christus

Lukas 7:31: en de Heere zeide

Lukas 9:54: gelijk ook Elia gedaan heeft

Lukas 11:29: den gesproken (sprekende van Jona)

Lukas 22:31: En de Heere zeide

Lukas 23:17: “En hij moest hun op het feest één aflevering “vers is eruit

Lukas 23:38: „met Griekse en Romeinse en Hebreeuwse letters“ is eruit

Lukas 23:42: Heere

Lukas 24:12: Hele vers is out (Doch Petrus opstaande, liep tot het graf, en nederbukkende, zag hij… enz.)

Lukas 24:40: Dit hele vers is eruit (En als hij dit zeide, hij hun de handen en de voeten)

Lukas 24:49: Jeruzalem

Lukas 24:51: en werd opgenomen in de hemel

Joh. 1:14: geboren

Joh. 1:18: geboren

Joh. 1:27: Welke voor mij is geworden,

Joh. 3:13: Die in den hemel is,

Joh. 3:15: niet verder

Joh. 3:16: geboren

Joh. 3:18: geboren

Joh. 4:42: de Christus

Joh. 5:3: wachtende op de roering van het water.

Joh. 5:4: vers is eruit (Betreffende het badwater van Bethesda).

Joh. 6:47: De Here Jezus zei: „Die IN MIJ gelooft, heeft het eeuwig leven.“ IN MIJ is eruit.

Joh. 7:53 – 8:11: Alle twaalf verzen zijn eruit.

Joh. 8:16: Vader

Joh. 9:35: Zone Gods wordt veranderd in Zoon des mensen.

Joh. 11:41: waar de gestorvene lag

Joh. 16:16: ik wil naar den Vader.

Joh. 17:12: in de wereld

Joh. 20:29: Thomas

Hand. 2:30: „dat Hij…, zoveel het vlees aangaat, den Christus verwekken zou“ komt eruit.

Hand. 7:30: des Heeren

Hand. 7:37: Sprekende van Chrsitus, „Dien zult gij horen“ is eruit.

Hand. 8:37: Hele vers is eruit (Ik geloof dat Jezus Christus de Zone Gods is)

Hand. 9:5-6: Dit is geheel van vernietigd weggelaten (Het is u hard, de verzen tegen de prikkels te slaan. zoom).

Hand. 10:6: deze zal u zegen wat gij doen moet

Hand. 16:31: Christus

Hand. 17:26: bloede

Hand. 20:25: Goden

Hand. 20:32: broeders

Hand. 23:9: laat ons tegen God niet strijden

Hand. 24:6,7,8: Dit alles is eruit,“En naar onze wet…tot u te komen“

Hand. 24:15: „der doden“ is eruit.

Hand. 28:16: „gaf de hoofdman de gevangenen over aan den overste des legers“ is eruit.

Hand. 28:29: Hele vers is eruit „En als hij dit gezegd had, gingen de Joden weg, veel twisting hebbende onder elkander)

Rom. 1:16: ik schaam mij des Evangelies van Christus niet. (“van Christus“ is eruit).

Rom. 5:2: „door het geloof tot deze genade” is eruit.

Rom. 9:28: in rechtvaardigheid

Rom. 11:6: „En indien het uit de werken is, zo is het geen genade meer; uitwerken is het werk geen werk meer,“ dit alles is eruit.

Rom. 13:9: gij zult geen valse getuigenis geven

Rom. 14:6: en dien den dag niet waarneemt, die neemt hem niet waar den Heere

Rom. 14:9: ook en opgestaan

Rom. 14:21: van geërgerd wordt, of waarin hij zwak is,

Rom. 15:29: des Evangelies

Rom. 16:24: De genade van onzen Heere Jezus Christus zij met u allen. Amen.

1 Kor. 1:14: Ik dank (God)

1 Kor. 5:7: „voor ons“ eruit. Christus ons Pascha voor ons geslacht

1 Kor. 6:20: en in uw geest, welke Godes zijn

1 Kor. 7:39: door de wet

1 Kor. 10:28: want de aarde is des Heeren en de volheid derzelve

1 Kor. 11:24: Neemt, eet (dat is Mijn lichaam)

1 Kor. 11:29: des Heeren

1 Kor. 15:47: de Heere

1 Kor. 16:22: Jezus Christus

1 Kor. 16:23: Christus

2 Kor. 4:6: Jezus

2 Kor. 4:10: den Heere

Gal. 3:1: dat gij der waarheid niet zoudt gehoorzaam zijn

Gal. 4:7: door Christus

Gal. 6:15: in Christus Jezus

Efeze. 3:9: door Jezus Christus

Efeze 3:14: van onzen Heeren Jezus Christus

Fil. 3:16: laat ons hetzelfde gevoelen

Kol. 1:2: en den Heere Jezus Christus

Kol. 1:14: door Zijn bloed

1 Thess. 1:1: van God onzen Vader en den Heere Jezus Christus

1 Thess. 3:11: Christus

2 Thess. 1:8: Christus

1 Tim. 3:16: “God” is verwijderd, of veranderd in “hij” of “die”

1 Tim. 6:5: Wijk af van dezulken.

2 Tim. 1:11: der heidenen

2 Tim. 4:22: "Jezus Christus", of "Christus"

Titus 1:4: den Heere

Hebr. 1:3: door Zichzelven

Hebr. 2:7: en Gij hebt hem gesteld over de werken Uwer handen.

Hebr. 2:11: oorsprong, vader van soort wordt toegevoegd

Hebr. 7:21: naar de ordening van Melchizedek

Hebr. 10:30: spreekt de Heere

Hebr. 10:34: in de hemelen

Hebr. 11:11: heeft zij gebaard

Jac. 5:16: Hier wordt het woord voor „misdaden“ verkeerd vertaald door „zonden“

1 Petr. 1:22: door den Geest

1 Petr. 4:1: Christus heeft voor ons geleden. ”voor ons” is eruit.

1 Petr. 4:14: „Wat hen aangaat, Hij wordt wel gelasterd, maar wat u aangaat, Hij wordt verheerlijkt” is te zien

1 Petr. 5:10: Jezus

1 Petr. 5:11: Hem zij de heerlijkheid. “heerlijkheid” is eruit.

2 Petr. 2:17: in der eeuwigheid

1 Joh. 1:7: Christus

1 Joh. 2:7: van den beginne

1 Joh. 4:3: Christus in het vlees is gekomen,

1.Joh. 4:9: geboren

1 Joh. 4:19: Hem

1 Joh. 5:7-8: den hemel: de Vader, het Woord en de Heilige Geest en deze drie zijn een. En drie zijn er die getuigen op de aarde.   

Judas 25: Den alleen wijzen God. ”wijzen“ is eruit.      

Openbaring 1:8: het Begin en het Einde

Openbaring 1:9: Christus

Openbaring 1:11: Ik ben de Alfa en de Omega, de Eerste en de Laatste

Openbaring 2:13: uw werken

Openbaring 5:14: Dengene Die leeft in alle eeuwigheid

Openbaring 6:1,3,5,7: en zie

Openbaring 11:17: en Die komen zal

Openbaring 12:12: dengenen die bewonen

Openbaring 12:17: Christus

Openbaring 14:5: voor de troon Gods

Openbaring 16:3,8,10,12,17: engel

Openbaring 16:17: des hemels

Openbaring 20:9: van God

Openbaring 20:12: God wordt veranderd in troon.

Openbaring 21:24: die zalig worden

...... zo komt de satan terstond en neemt het Woord weg...." Markus  4:15

De Antichrist zal de nieuwe vertalingen gebruiken om zijn de New Age te promoten. Wat onderstreept en rood staat, is  weggelaten of veranderd in de nieuwe vertalingen. Opvallend en kenmerkend voor het antichristelijk tijdperk, is het. dat vooral de Naam van Jezus Christus wordt weggelaten. De Herziene Statenvertaling vermeldt dit meestal wel correct.

Controleer NBG, Willibrord, NBV 2004, Telos  en andere vertalingen. 

HET SCHRIJFMES VAN JOJAKIM

In de video van Wilco Vos liet hij een boekje zien met de titel "Het Schrijfmes van Jojakim".  Het plaatje rechts staat op de cover van het boekje. Je ziet koning Jojakim van Juda (608 - 597 v.Chr.)

Het plaatje beeldt uit wat we lezen in:
Jeremia 36:21 Daarop stuurde de koning Jehudi om de rol te halen. Hij haalde die uit de kamer van de schrijver Elisama. Toen las Jehudi eruit voor ten aanhoren van de koning en ten aanhoren van al de vorsten die rondom de koning stonden. 22. Terwijl de koning in het winterpaleis zat – het was de negende maand – met vóór hem een brandend kolenbekken, 23. gebeurde het, zodra Jehudi drie of vier kolommen had voorgelezen, dat de koning ze met een schrijversmes afsneed en in het vuur wierp dat in het kolenbekken was, totdat heel de rol verteerd was in het vuur dat in het kolenbekken was.
24. Zij schrokken niet en zij scheurden hun kleding niet, de koning evenmin als al zijn dienaren, die al deze woorden gehoord hadden. 

De schrijver van het boekje is Thomas Vauclair, achterkleinzoon van een Franse holocaustoverlevende. Hij merkte dat  de meeste Messiaanse gelovigen in Israël geheel onkundig waren van de duizenden verschillen tussen het Delitzsch Nieuwe Testament en het Modern Hebreeuwse (Ivriet) Nieuwe Testament. En dus ook onkundig over de onderliggende oorzaak. In 2013 schreef hij de Hebreeuwse versie van “Het schrijfmes van Jojakim”, want hij was ernstig bezorgd vanwege de onwetendheid over de verschillen. Dit was wellicht het eerste artikel dat ooit in het Hebreeuws over dit onderwerp is geschreven. Het is nu in meerdere talen verschenen.

Het boekje kun je als pdf-bestand downloaden met deze link


Verdachte vertaalverschillen

 

Statenvertaling SV

NBG

NBV 2021

Herziene Statenvertaling

Joh. 6:47 Voorwaar, voorwaar zeg Ik u: Die in Mij gelooft, heeft het eeuwige leven.

Joh. 6:47 Voorwaar, voorwaar, Ik zeg u: Wie gelooft, heeft eeuwig leven.

Joh. 6:47 Werkelijk, Ik verzeker u, wie gelooft, heeft eeuwig leven.

Johannes 6:47 Voorwaar, voorwaar, Ik zeg u: Wie in Mij gelooft, heeft eeuwig leven.

Joh. 6:69 En wij hebben geloofd en bekend, dat Gij zijt de Christus, de Zoon des levenden Gods.

Joh 6:69 En wij hebben geloofd en erkend, dat Gij zijt de Heilige Gods.

Joh 6:69 en wij geloven en weten dat U de heilige van God bent.’

Joh.6:69 En wij hebben geloofd en erkend dat U de Christus bent, de Zoon van de levende God.

2 Kor 5:18 En al deze dingen zijn uit God, Die ons met Zichzelven verzoend heeft door Jezus Christus, en ons de bediening der verzoening gegeven heeft.

2 Kor 5:18 En dit alles is uit God, die door Christus ons met Zich verzoend heeft en ons de bediening der verzoening gegeven heeft,

2 Kor 5:18 Dit alles is het werk van God. Hij heeft ons door Christus met zich verzoend en ons de taak gegeven dat bekend te maken.

2 Korinthe 5:18 En dit alles is uit God, Die ons met Zichzelf verzoend heeft door Jezus Christus, en ons de bediening van de verzoening gegeven heeft.

Hand.8:18  En als Simon zag, dat, door de oplegging van de handen der apostelen de Heilige Geest gegeven werd, zo bood hij hun geld aan,

Hand.8:18 En toen Simon zag, dat door de handoplegging der apostelen de Geest werd gegeven, bood hij hun geld aan,

Hand.8:18 Toen Simon zag dat de mensen door de handoplegging van de apostelen vervuld raakten van de Geest, bood hij Petrus en Johannes geld aan

Handelingen 8:18 En toen Simon zag dat de Heilige Geest gegeven werd door middel van de handoplegging van de apostelen, bood hij hun geld aan,

Markus 7:14 Want het gaat niet in zijn hart, maar in den buik, en gaat in de heimelijkheid uit, reinigende al de spijzen.

Markus 7:14 Omdat het niet in zijn hart komt, maar in de buik, en er te zijner plaatse uitgaat? En zo verklaarde Hij alle spijzen rein. TOEGEVOEGD

Markus 7:14  omdat het niet in zijn hart, maar in zijn maag komt en in de beerput weer verdwijnt?’ Zo verklaarde Hij alle spijzen rein. TOEGEVOEGD!

Markus 7:15 Er is niets dat van buitenaf de mens binnengaat, dat hem kan verontreinigen; maar de dingen die van hem uitgaan, die zijn het die de mens verontreinigen.

Markus 12:32  En de schriftgeleerde zeide tot Hem: Meester, Gij hebt wel in der waarheid gezegd, dat er een enig God is, en er is geen ander dan Hij;

Markus 12:32 En de schriftgeleerde zeide tot Hem: Inderdaad, Meester, naar waarheid hebt Gij gezegd, dat Hij een is en dat er geen ander is dan Hij.

Markus 12:32 De schriftgeleerde zei tegen Hem: ‘Inderdaad, meester, wat U zegt is waar: Hij alleen is God en er is geen andere god dan Hij,

Markus 12:32 En de schriftgeleerde zei tegen Hem: Juist, Meester, U hebt naar waarheid gezegd dat God één is, en er is geen ander dan Hij.

Openb.1:11 Zeggende: Ik ben de Alfa en de Omega, de Eerste en de Laatste; en hetgeen gij ziet, schrijf dat in een boek, en zend het aan de zeven Gemeenten, die in Azie zijn, [namelijk] naar Efeze, en naar Smyrna, en naar Pergamus, en naar Thyatire, en naar Sardis, en naar Filadelfia, en naar Laodicea.

Openb.1:11 Zeggende: Hetgeen gij ziet, schrijf dat in een boek en zend het aan de zeven gemeenten: naar Efeze, en naar Smyrna, en naar Pergamum, en naar Tyatira, en naar Sardes, en naar Filadelfia en naar Laodicea.

Openb.1:11 en die tegen me zei: ‘Schrijf alles wat je ziet in een boek en stuur dat naar de zeven gemeenten, naar Efeze, Smyrna, Pergamum, Tyatira, Sardes, Filadelfia en Laodicea.’

Openbaring 1:11 die zei: Ik ben de Alfa en de Omega, de Eerste en de Laatste, en: Wat u ziet, schrijf dat op een boekrol en stuur het aan de zeven gemeenten die in Asia zijn: naar Efeze, naar Smyrna, naar Pergamus, naar Thyatira, naar Sardis, naar Filadelfia en naar Laodicea.

Joh.4:32 En zeiden tot de vrouw: Wij geloven niet meer om uws zeggens wil; want wij zelven hebben [Hem] gehoord, en weten, dat Deze waarlijk is de Christus, de Zaligmaker der wereld.

Joh.4:32 En zij zeiden tot de vrouw: Wij geloven niet meer om wat gij zegt, want wij zelf hebben Hem gehoord en weten, dat deze waarlijk de Heiland der wereld is.

Joh.4:32 ze zeiden tegen de vrouw: ‘Wij geloven nu niet meer om wat jij gezegd hebt, maar we hebben Hem zelf gehoord en we weten dat Hij werkelijk de redder van de wereld is.’

Johannes 4:42 en zij zeiden tegen de vrouw: Wij geloven niet meer om wat u zegt, want wijzelf hebben Hem gehoord en weten dat Híj werkelijk de Zaligmaker van de wereld is, de Christus.

Matt.19:17 En Hij zeide tot hem: Wat noemt gij Mij goed? Niemand is goed dan Een, [namelijk] God. Doch wilt gij in het leven ingaan, onderhoud de geboden.

Matt.19:17 Hij zeide tot hem: Wat vraagt gij Mij naar het goede? Een is de Goede. Maar indien gij het leven wilt binnengaan, onderhoud de geboden.

Matt.19:17 Hij antwoordde: ‘Waarom vraagt u Me naar het goede? Er is er maar één die goed is. Als u het leven wilt binnengaan, houd u dan aan zijn geboden.’

Mattheüs 19:17 Hij zei tegen hem: Waarom noemt u Mij goed? Niemand is goed behalve Eén, namelijk God. Maar wilt u tot het leven ingaan, neem dan de geboden in acht.

Openb. 1:13 En in het midden van de zeven kandelaren Een, den Zoon des mensen gelijk zijnde, bekleed met een lang kleed tot de voeten, en omgord aan de borsten met een gouden gordel;

Openb. 1:13  En te midden van de kandelaren iemand als eens mensen zoon, bekleed met een tot de voeten reikend gewaad, en aan de borsten omgord met een gouden gordel;

Openb. 1:13 en daartussen iemand die eruitzag als een mens. Hij was gekleed in een lang gewaad en had een gouden band om zijn borst.

Openbaring 1:13 En te midden van de zeven kandelaren zag ik Iemand Die op de Zoon des mensen leek, gekleed in een gewaad tot op de voeten, en op de borst omgord met een gouden gordel;

1 Kor.16:22 Indien iemand den Heere Jezus Christus niet liefheeft, die zij een vervloeking; Maran-atha!

1 Kor.16:22 Indien iemand de Here niet liefheeft, hij zij vervloekt. Maranata!

1 Kor.16:22 Als iemand de Heer niet liefheeft – hij zij vervloekt! Maranata!

1 Korinthe 16:22 Als iemand de Heere Jezus Christus niet liefheeft, laat die vervloekt zijn. Maranatha!

Joh. 9:35  Jezus hoorde, dat zij hem uitgeworpen hadden, en hem vindende, zeide Hij tot hem: Gelooft gij in den Zoon van God?

Joh. 9:35  Jezus hoorde, dat zij hem uitgeworpen hadden, en Hij zeide, toen Hij hem aantrof: Gelooft gij in de Zoon des mensen?

Joh. 9:35 Jezus hoorde dat en zocht hem op. Hij vroeg: ‘Gelooft u in de Mensenzoon?’

Johannes 9:35 Jezus hoorde dat zij hem uit de synagoge geworpen hadden, en toen Hij hem gevonden had, zei Hij tegen hem: Gelooft u in de Zoon van God?

Hand.9:6 En hij, bevende en verbaasd zijnde, zeide: Heere, wat wilt Gij, dat ik doen zal? En de Heere [zeide] tot hem: Sta op, en ga in de stad, en u zal [aldaar] gezegd worden, wat gij doen moet.

Hand. 9:6 Maar sta op en ga de stad binnen en daar zal u gezegd worden, wat gij doen moet.

 

Hand. 9:6 Maar sta nu op en ga de stad in, daar zal je gezegd worden wat je moet doen.’

Handelingen 9:6 En hij zei, bevend en verbaasd: Heere, wat wilt U dat ik doen zal? En de Heere zei tegen hem: Sta op en ga de stad in en daar zal u gezegd worden wat u moet doen.

1 Joh.5:7 Want Drie zijn er, Die getuigen in den hemel, de Vader, het Woord en de Heilige Geest; en deze Drie zijn Een.

1 Joh.5:7 Want drie zijn er, die getuigen in de hemel: de Vader, het Woord, en de Heilige Geest; en deze drie zijn een.

1 Joh.5:7 Er zijn dus drie getuigen:

1 Johannes 5:7 Want drie zijn er die getuigen in de hemel: de Vader, het Woord en de Heilige Geest; en deze drie zijn één.

Efeze 5:9 (Want de vrucht des Geestes is in alle goedigheid, en rechtvaardigheid, en waarheid)

Efeze 5:9 (Want de vrucht des lichts bestaat in louter goedheid en gerechtigheid en waarheid),

Efeze 5:9  Het licht brengt niets dan goedheid voort en gerechtigheid en waarheid.

Efeze 5:9 – want de vrucht van de Geest bestaat in alle goedheid en rechtvaardigheid en waarheid –

Openb. 21:24 En de volken, die zalig worden, zullen in haar licht wandelen; en de koningen der aarde brengen hun heerlijkheid en eer in dezelve.

Openb. 21:24 En de volken zullen bij haar licht wandelen en de koningen der aarde brengen hun heerlijkheid in haar;

Openb. 21:24 De volken zullen in haar licht leven en de koningen op aarde brengen daar hun eerbewijzen.

Openbaring 21:24 En de naties die zalig worden, zullen in haar licht wandelen, en de koningen van de aarde brengen hun heerlijkheid en eer erin.

Openb, 15:3 En zij zongen het gezang van Mozes, den dienstknecht Gods, en het gezang des Lams, zeggende: Groot en wonderlijk zijn Uw werken, Heere, Gij almachtige God, rechtvaardig en waarachtig zijn Uw wegen, Gij Koning der heiligen!

Openb, 15:3 En zij zingen het lied van Mozes, de knecht Gods, en het lied van het Lam, zeggende: Groot en wonderbaar zijn uw werken, Here God, Almachtige; rechtvaardig en waarachtig zijn uw wegen, Gij, Koning der volkeren!

Openb, 15:3 Ze zongen het lied van Gods dienaar Mozes en het lied van het lam: ‘Groot en wonderbaarlijk zijn uw werken, Heer, onze God, Almachtige, rechtvaardig en betrouwbaar is uw bestuur, vorst van de volken.

Openbaring 15:3 En zij zongen het lied van Mozes, de dienstknecht van God, en het lied van het Lam, met de woorden: Groot en wonderbaarlijk zijn Uw werken, Heere, almachtige God; rechtvaardig en waarachtig zijn Uw wegen, Koning van de heiligen!

Luk.23:42 En hij zeide tot Jezus: Heere, gedenk mijner, als Gij in Uw Koninkrijk zult gekomen zijn.

Luk.23:42 En hij zeide: Jezus, gedenk mijner, wanneer Gij in uw Koninkrijk komt.

Luk.23:42 En hij zei: ‘Jezus, denk aan mij wanneer U in uw koninkrijk komt.’

Lukas 23:42 En hij zei tegen Jezus: Heere, denk aan mij, als U in Uw Koninkrijk gekomen bent.

Filip. 4:13  Ik vermag alle dingen door Christus, Die mij kracht geeft.

Filip. 4:13 Ik vermag alle dingen in Hem, die mij kracht geeft.

Filip. 4:13 Ik ben tegen alles bestand door Hem die mij kracht geeft.

Filippenzen 4:13 Alle dingen kan ik aan door Christus, Die mij kracht geeft.

1 Tim.3:16  En buiten allen twijfel, de verborgenheid der godzaligheid is groot; God is geopenbaard in het vlees, is gerechtvaardigd in den Geest, is gezien van de engelen, is gepredikt onder de heidenen, is geloofd in de wereld, is opgenomen in heerlijkheid.

1 Tim.3:16 En buiten twijfel, groot is het geheimenis der godsvrucht: Die Zich geopenbaard heeft in het vlees, is gerechtvaardigd door de Geest, is verschenen aan de engelen, is verkondigd onder de heidenen, geloofd in de wereld, opgenomen in heerlijkheid.

1 Tim.3:16 Ongetwijfeld is dit het grote geheim van ons geloof: Hij is geopenbaard in een sterfelijk lichaam, in het gelijk gesteld door de Geest, is verschenen aan de engelen, verkondigd onder de volken, Hij vond geloof in de wereld, is opgenomen in majesteit.

 

1 Timotheüs 3:16 En buiten alle twijfel, groot is het geheimenis van de godsvrucht: God is geopenbaard in het vlees, is gerechtvaardigd in de Geest, is verschenen aan de engelen, is gepredikt onder de heidenen, is geloofd in de wereld, is opgenomen in heerlijkheid.

Hand.4:24 En als dezen [dat] hoorden, hieven zij eendrachtelijk [hun] stem op tot God, en zeiden: Heere! Gij zijt de God, Die gemaakt hebt den hemel, en de aarde, en de zee, en alle dingen, die in dezelve zijn.

Hand.4:24 En toen dezen het hoorden, verhieven zij eenparig hun stem tot God en zeiden: Gij, Here, zijt het, die geschapen hebt de hemel, de aarde, de zee en al wat daarin is;

Hand.4:24 Toen de leerlingen dat hoorden, riepen ze God eensgezind aan met de woorden: ‘Heer, U hebt de hemel en de aarde en de zee geschapen en alles wat daar leeft,

Handelingen 4:24 En toen zij dat gehoord hadden, verhieven zij eensgezind hun stem tot God en zeiden: Heere! U bent de God Die de hemel en de aarde en de zee gemaakt hebt, en alle dingen die erin zijn,

Luk.24:36 En als zij van deze dingen spraken, stond Jezus Zelf in het midden van hen, en zeide tot hen: Vrede zij ulieden!

Luk.24:36 En terwijl zij hierover spraken, stond Hij zelf in hun midden;

Luk.24:36 Terwijl ze nog aan het vertellen waren, kwam Jezus zelf in hun midden staan en zei: ‘Vrede zij met jullie.’

Lukas 24:36 En toen zij over deze dingen spraken, stond Jezus Zelf in hun midden en zei tegen hen: Vrede zij u.

Openb.21:4  En God zal alle tranen van hun ogen afwissen; en de dood zal niet meer zijn; noch rouw, noch gekrijt, noch moeite zal meer zijn; want de eerste dingen zijn weggegaan.

Openb.21:4 En Hij zal alle tranen van hun ogen afwissen, en de dood zal niet meer zijn, noch rouw, noch geklaag, noch moeite zal er meer zijn, want de eerste dingen zijn voorbijgegaan.

Openb.21:4  Hij zal alle tranen uit hun ogen wissen. Er zal geen dood meer zijn, geen rouw, geen jammerklacht, geen pijn, want wat er eerst was is voorbij.’

Openbaring 21:4 En God zal alle tranen van hun ogen afwissen, en de dood zal er niet meer zijn; ook geen rouw, jammerklacht of moeite zal er meer zijn. Want de eerste dingen zijn voorbijgegaan.

Matt.4:18 En Jezus, wandelende aan de zee van Galilea, zag twee broeders, [namelijk] Simon, gezegd Petrus, en Andreas, zijn broeder, het net in de zee werpende (want zij waren vissers);

Matt.4:18 Toen Hij nu langs de zee van Galilea ging, zag Hij twee broeders, Simon, die Petrus genoemd wordt, en Andreas, diens broeder, een net in zee werpen; want zij waren vissers.

Matt.4:18 Toen Hij langs het meer liep, zag Hij twee broers, Simon, die Petrus genoemd wordt, en zijn broer Andreas. Ze wierpen hun net uit in het meer, het waren vissers.

Mattheüs 4:18 En Jezus liep langs de zee van Galilea en zag twee broers, namelijk Simon, die Petrus genoemd wordt, en zijn broer Andreas, het net in de zee werpen, want zij waren vissers.

Hand.22:16 En nu, wat vertoeft gij? Sta op, en laat u dopen, en uw zonden afwassen, aanroepende den Naam des Heeren.

Hand.22:16 En nu, wat aarzelt gij nog? Sta op, laat u dopen en uw zonden afwassen, onder aanroeping van zijn naam.

Hand.22:16 Wat aarzel je dan nog? Sta op, laat je dopen en je zonden wegwassen, terwijl je zijn naam aanroept.”

Handelingen 22:16 En nu, waarom aarzelt u? Sta op, laat u dopen en uw zonden afwassen onder aanroeping van de Naam van de Heere.

Lukas 4:8 En Jezus, antwoordende, zeide tot hem: Ga weg van Mij, satan, want er is geschreven: Gij zult den Heere, uw God, aanbidden, en Hem alleen dienen.

Lukas 4:8 En Jezus antwoordde en zeide tot hem: Er staat geschreven: Gij zult de Here uw God, aanbidden en Hem alleen dienen.

Lukas 4:8 Maar Jezus antwoordde: ‘Er staat geschreven: “Aanbid de Heer, uw God, vereer alleen Hem.”’

 

Lukas 4:8 Maar Jezus antwoordde en zei tegen hem: Ga weg van Mij, satan, want er staat geschreven: U zult de Heere, uw God, aanbidden en Hem alleen dienen.

Mark.10:21  En Jezus, hem aanziende, beminde hem, en zeide tot hem: Een ding ontbreekt u; ga heen, verkoop alles, wat gij hebt, en geef het den armen, en gij zult een schat hebben in den hemel; en kom herwaarts, neem het kruis op, en volg Mij.

Mark.10:21 En Jezus, hem aanziende, kreeg hem lief en zeide tot hem: Een ding ontbreekt u, ga heen, verkoop al wat gij hebt en geef het aan de armen, en gij zult een schat in de hemel hebben, en kom hier, volg Mij.

Mark.10:21 Jezus keek hem liefdevol aan en zei tegen hem: ‘Eén ding ontbreekt u: ga naar huis, verkoop alles wat u hebt en geef de opbrengst aan de armen, dan zult u een schat in de hemel bezitten; kom daarna terug en volg Mij.’

Markus 10:21 En Jezus keek hem aan en had hem lief, en Hij zei tegen hem: Eén ding ontbreekt u: ga heen, verkoop alles wat u hebt en geef het aan de armen en u zult een schat hebben in de hemel; en kom dan, neem het kruis op en volg Mij.

Matt. 5:44 Maar Ik zeg u: Hebt uw vijanden lief; zegent ze, die u vervloeken; doet wel dengenen, die u haten; en bidt voor degenen, die u geweld doen, en die u vervolgen;

Matt. 5:44  Maar Ik zeg u: Hebt uw vijanden lief en bidt voor wie u vervolgen,

Matt. 5:44 Dit zeg Ik daarover: heb je vijanden lief en bid voor wie jullie vervolgen;

Mattheüs 5:44 Maar Ik zeg u: Heb uw vijanden lief; zegen hen die u vervloeken; doe goed aan hen die u haten; en bid voor hen die u beledigen en u vervolgen;

Matt. 27:35 Toen zij nu Hem gekruisigd hadden, verdeelden zij Zijn klederen, het lot werpende; opdat vervuld zou worden, hetgeen gezegd is door den profeet: Zij hebben Mijn klederen onder zich verdeeld, en hebben het lot over Mijn kleding geworpen.

Matt. 27:35 Nadat zij Hem gekruisigd hadden, verdeelden zij zijn klederen door het lot te werpen,

Matt. 27:35 Nadat ze Hem gekruisigd hadden, verdeelden ze zijn kleren onder elkaar door erom te dobbelen,

Mattheüs 27:35 Nadat zij Hem gekruisigd hadden, verdeelden zij Zijn kleren door het lot te werpen, opdat vervuld zou worden wat gezegd is door de profeet: Ze hebben Mijn kleren onder elkaar verdeeld en om Mijn kleding hebben ze het lot geworpen.

Markus 11:26 Maar indien gij niet vergeeft, zo zal uw Vader, Die in de hemelen is, ook uw misdaden niet vergeven.

Markus 11:26 Indien gij echter niet vergeeft, zal ook uw Vader, die in de hemelen is, uw overtredingen niet vergeven.

Markus 11:26

Weggelaten!

Markus 11:26 Maar als u niet vergeeft, zal uw Vader, Die in de hemelen is, ook uw misdaden niet vergeven.

Job 42:6 Daarom verfoei ik [mij], en ik heb berouw in stof en as.

Job 4:6 Daarom herroep ik en doe boete in stof en as.

Job 42:6 Daarom zal ik verder zwijgen, nu vind ik troost voor mijn kommervol bestaan.’ (TOTAAL ANDERS!)

Job 42:6 Daarom veracht ik mijzelf en ik heb berouw,
in stof en as.

Gal. 3:1 O gij uitzinnige Galaten, wie heeft u betoverd, dat gij der waarheid niet zoudt gehoorzaam zijn; denwelken Jezus Christus voor de ogen te voren geschilderd is geweest, onder u gekruist zijnde?

Gal. 3:1 O, onverstandige Galaten, wie heeft u betoverd, wie Jezus Christus toch als gekruisigde voor de ogen geschilderd is?

Gal. 3:1 Galaten, u hebt uw verstand verloren! Wie heeft u in zijn ban gekregen? Ik heb u Jezus Christus toch openlijk en duidelijk als de gekruisigde bekendgemaakt?

Galaten 3:1 O dwaze Galaten, wie heeft u betoverd om de waarheid niet te gehoorzamen; u voor wie Jezus Christus eerder voor ogen is geschilderd alsof Hij onder u gekruisigd was?

Gal. 6:15 Want in Christus Jezus heeft noch besnijdenis enige kracht, noch voorhuid, maar een nieuw schepsel.

Gal. 6:15 Want besneden zijn of niet besneden zijn betekent niets, maar of men een nieuwe schepping is.

Gal. 6:15 Het doet er niet toe of iemand besneden is of niet, maar alleen of iemand een nieuwe schepping is.

Galaten 6:15 Want in Christus Jezus heeft niet het besneden zijn enige kracht, en ook niet het onbesneden zijn, maar wel dat we een nieuwe schepping zijn.

Efeze 3:14  Om deze oorzaak buig ik mijn knieen tot den Vader van onzen Heere Jezus Christus,

Efeze 3:14  Om die reden buig ik mijn knieen voor de Vader,

Efeze 3:14 Daarom buig ik mijn knieën voor de Vader,

Efeze 3:14 Om deze reden buig ik mijn knieën voor de Vader van onze Heere Jezus Christus,

Efeze 3:9b die van [alle] eeuwen verborgen is geweest in God, Welke alle dingen geschapen heeft door Jezus Christus;

Efeze 3:9b dat van eeuwen her verborgen is gebleven in God, de Schepper van alle dingen,

Efeze 3:9b dat in alle eeuwen verborgen was in God, de schepper van alle dingen, verwezenlijkt wordt.

Efeze 3:9b  dat door de eeuwen heen verborgen is geweest in God, Die alle dingen geschapen heeft door Jezus Christus,

Kol. 1:2 Den heiligen en gelovigen broederen in Christus, die te Kolosse zijn; genade zij u en vrede van God, onzen Vader, en den Heere Jezus Christus.

Kol. 1:2 Aan de heilige en gelovige broeders in Christus te Kolosse: genade en vrede zij u van God, onze Vader.

Kol. 1:2 Aan de heiligen in Kolosse, onze gelovige broeders en zusters, die één zijn met Christus. Genade zij u en vrede van God, onze Vader.

Kolossenzen 1:2 aan de heilige en gelovige broeders in Christus die in Kolosse zijn: genade zij u en vrede van God, onze Vader, en van de Heere Jezus Christus.

Kol. 1:14  In Denwelken wij de verlossing hebben door Zijn bloed, [namelijk] de vergeving der zonden;

Kol. 1:14 In wie wij de verlossing hebben, de vergeving der zonden.

Kol. 1:14 die ons de verlossing heeft gebracht, de vergeving van onze zonden.

Kolossenzen 1:14 In Hem hebben wij de verlossing, door Zijn bloed, namelijk de vergeving van de zonden.

Heb jij in de kerk gehoord van deze kritische Schriftvertalers/verkrachters, die ingang vonden in de theologie en de mensen beetje bij beetje, het zicht op de Christus ontnamen? Je mag toch verwachten dat theologisch opgeleide voorgangers dit in hun studie hebben meegekregen.  

Westcott-Hort Grieks Nieuw Testament

De Westcott-Hort- uitgave van het Griekse Nieuwe Testament werd in 1881 gepubliceerd als resultaat van jarenlange samenwerking en arbeid van B.F. Westcott en F.J.A Hort. In zekere zin is het een verdere voortzetting van het onderzoek in de lijn van Tischendorf. Later is de Westcott-Hort-uitgave vervangen door een uitgave van Eberhard Nestle, die het werk van Westcott, Hort, Tischendorf en Weiss bijeen gebracht heeft in zijn Nestle-editie.

B.F. Westcott

Brooke Foss Westcott werd in 1825 te Birmingham (Engeland) geboren en stierf in 1901 als bisschop van Durham. Hij studeerde theologie aan Cambridge University, waar hij bevriend raakte met J.B. Lightfoot. In 1851 accepteerde hij een beroep van de Kerk van Engeland, als gevolg waarvan hij in de periode 1852 tot 1869 doceerde te Harrow. In deze periode publiceerde hij zijn History of the canon of the New Testament, waarvan de eerste editie in 1855 verscheen. In 1870 werd Westcott aangesteld als Regius Professor aan de universiteit te Cambridge. Hier begon zijn nauwe samenwerking met zijn collega’s en vrienden Lightfoot en Hort. Westcott en Hort besteedden veel tijd aan de voorbereiding van een nieuwe editie van het Griekse Nieuwe Testament, dat zij uiteindelijk in 1881 publiceerden. Deze uitgave van het Griekse Nieuwe Testament werd gezien als gezaghebbend, waardoor het een bepalende invloed heeft gekregen op de latere tekstkritische studie van het Nieuwe Testament. Gedurende dezelfde periode publiceerde Westcott ook commentaren op het Evangelie naar Johannes, de brieven van Johannes en de Hebreeënbrief. Westcott werd in 1890 bisschop van Durham. Andere publicaties van Westcott zijn The Gospel of Life (1892) en The Incarnation and Common Life (1893).

F.J. Hort

Fenton John Hort werd geboren in 1828 en is overleden in 1892. Aanvankelijk studeerde hij botanie aan de universiteit van Cambridge, maar later stapte hij over op theologie. Toch behield hij de rest van zijn leven een grote belangstelling voor de botanie. Op de universiteit raakte hij bevriend met J.B. Lightfoot en B.F. Westcott. Van 1857 tot 1872 was hij werkzaam als dienaar in de Kerk van Engeland in een dorpje vlakbij Cambridge. In 1872 keerde hij terug naar de universiteit. In 1852 begon Hort in samenwerking met Westcott aan het samenstellen van een tekstkritische uitgave van het Griekse Nieuwe Testament, dat uiteindelijk in 1881 gepubliceerd werd en bekendheid kreeg onder de naam Westcott-Hort Grieks Nieuw Testament. Dit werk is jarenlang hoog gewaardeerd geweest. In de periode 1870 tot 1881 hielp Hort ook mee met de voorbereiding van de Revised Version van de Engelse Bijbel. Verder publiceerde Hort twee belangrijke boeken op het gebied van kerkvaderlijke belijdenissen en werd een aantal van zijn college-dictaten posthuum gepubliceerd in Judaic Christianity en The Christian Ecclesia.

 

Maakt het echt verschil uit welke Bijbel je leest?

Het is altijd goed om met een studie in een groep meerdere Bijbelvertalingen te lezen en te ontdekken waar de verschillen in uitkomen en je af te vragen waarom wijkt men af? Of waar voegt men toe of neemt men  af van het Woord. Satan zit niet stil en gebruikt ook vertalers voor zijn doel: het verminken van de waarheid en de aandacht af te leiden van Hem die de Waarheid is! Yeshua wordt onherkenbaar gemaakt en Zijn bloed niet meer genoemd. Maar JHVH waakt over Zijn Woord en gelovigen zullen door Woord en Geest het onderscheid leren tussen waarheid en leugen. Een halve waarheid is ook een hele leugen, maar veel christenen zijn misleid en verstrikt in het compromis denken, zoals Pilatus het zei: "Wat is waarheid?" (Joh.18:38)

In onze samenleving wordt de uitleg van de Schriften bepaald door "de rede" en niet door Woord en Geest. Het zijn de eenvoudigen van geest aan wie God Zijn Woord openbaart. En daar ergerden  de farizeeën en de schriftgeleerden zich al aan in Yeshua's dagen. Ze probeerden een valstrik voor Hem te spannen, want ze hadden al vanaf het begin besloten Hem te doden. Yeshua noemde hen "zuurdesem". Hun zuurdesem werkt door tot in onze tijd. Het waren complotdenkers en zij smeedden hun plannen in het duister. Maar het kwam aan het licht ....

Efeze 5:10-13 Beproef wat de Heere welbehaaglijk is.
11. En neem niet deel aan de onvruchtbare werken van de duisternis, maar ontmasker ze veeleer.
12. Want wat heimelijk door hen gedaan wordt, is te schandelijk om zelfs maar te vertellen.
13. Maar al deze dingen komen openbaar als ze door het licht ontmaskerd worden;

WANT AL WAT OPENBAAR MAAKT, IS LICHT.