English: click here!

New Age in het licht van de Bijbel

Dit artikel is omstreeks 1990 geschreven door J.J. van Baaren.

De inhoud, hoewel hier en daar enigszins aangepast, is nog steeds actueel.

De éne weg ten dode en de ander ten leven.
De duivel zei: gij zult voorzeker niet sterven maar als God zijn. Die leugengeest is eigen aan het New Age denken en aan de NWO utopie.

Het is Babel die met dit denken gebouwd wordt, maar in één uur vernietigd zal worden. Het is een geestelijke strijd en de wereld zit gevangen in de duisternis.
Waarom?

Johannes 3:19 "En dit is het oordeel, dat het licht in de wereld gekomen is, en de mensen hebben de duisternis liever gehad dan het licht; want hun werken waren boos."

Er zijn veel boeken verschenen die gaan over onderwerpen als: nieuwe wereldorde, globalisme, aquarius-tijdperk, de New Age Movement. Een bekende uitgever geeft een catalogus vol boeken uit over dit laatste onderwerp. Dit betreft een internationale beweging, die overeenkomt met de Nieuwe Wereldorde. Men ontdekt dan een geheel nieuwe dimensie, die de laatste twintig jaar zichtbaar is geworden en waarvoor wij reeds jaren waarschuwen. Toch ligt dit alles nog buiten het gezichtsveld van veel mensen.

Wat is deze New Age Movement, dit globalisme, deze pseudogoddelijke stroming?

Het eerste wat opvalt is dat er een ‘nieuwe wereldorde’ gebracht wordt. De beweging heeft, verdeeld over vele stromingen, miljoenen volgelingen die, hoewel zij geloven dat hun idealisme tot een hoogstaand doel leidt, in feite een plan bevordert, dat als dit gerealiseerd wordt, ons allen negatief zal beïnvloeden.
Dit betekent dat deze beweging het plan heeft de omvang van de wereldbevolking te reduceren, de bevolking te controleren en te heropvoeden, de rijkdom te distribueren naar eigen inzicht. 

Als u de talloze boeken leest, die inmiddels verschenen zijn over de ‘New Age Movement’ of over het ‘aquarius tijdperk’ (wij kennen er al een 30-tal), dan denkt u misschien dat het sprookjes zijn. Maar dat dacht men ook over het communisme in 1917 en Hitlers ‘Mein Kampf’.

Er zijn trainingscentra over de gehele wereld, naast talloze seminars en cursussen. Van de trainingscentra in Europa, is dat van Findhorn in Schotland wel de invloedrijkste en de grootste. Op dit moment zien we veel cursussen van mindfulness, die zelfs virtueel en online gegeven worden. Wij willen hiermee benadrukken dat christenen bewust stelling nemen tegen het antichristelijke karakter van de nieuwe stromingen die zich door de geest van deze tijd aan onze wereld opdringen. 

Het zijn tekenen van de ‘eindtijd’. Ons bijbels motief in deze is: ‘Heb geen deel aan hun boze werken, maar ontmasker ze veeleer’ (Efeze 5:11). In een document, gepubliceerd door ‘Planetary Citizens’ wordt de volgende verklaring geschreven:

‘Wij schrijden de drempel over tussen onze oude nationale gevoelens en een verrijzend planetair bewustzijn, als u begrijpt wat er bedoeld wordt. Deze organisatie geeft ook een ‘planetair paspoort’ uit - ’ …  totdat de Verenigde Naties dit overnemen’, zo zegt men. Ook dit is niet zo maar fantasie, maar we hebben hier te maken met een zeer actieve en invloedrijke groep, die in aanzien wint. Het is niet verstandig dit te onderschatten of met een schouderophalen af te doen. In ‘The Third Wave’ (de Derde Golf) geeft Alvin Toffler, een bekend new age-publicist, een aanvullende kijk op ‘Het verrijzend wereldburgerschap’. Hij schrijft: ‘Een nieuwe civilisatie is bezig zich in ons bestaan te vormen. Deze nieuwe beschaving brengt een nieuwe familiestijl met zich mee, zij verandert werksystemen, brengt een nieuwe economie, nieuwe politieke conflictsituaties en bovenal een veranderd bewustzijn. Het ontstaan van deze nieuwe beschaving is het meest radicale gebeuren in onze tijd’.

Hij noemt dit het belangrijkste gebeuren, de sleutel tot het begrijpen van de gebeurtenissen in de jaren die voor ons liggen. Het is een gebeuren even groots als de eerste golf van verandering die plaatsvond, zegt hij, tienduizend jaar geleden door de ontdekking van de mogelijkheid die landbouw, en de tweede golf van verandering die de industriële revolutie met zich mee bracht. En wij zijn kinderen, zegt hij, van de volgende transformatie, de derde golf, de Intelligentie Revolutie. Toffier schijnt te denken, dat men voor ons, vrije mensen, wandelend in Gods Licht, het toekomstbeeld kan transformeren.

Eén wereldregering

De toekomst die hij zoekt is er één die een wereldpolitiemacht insluit, een wereldregering, een gecontroleerde economie en een centrale planning, die euthanasie als een wettig middel kan hanteren.

Vrije mensen hebben echter een eigen visie inzake de toekomst, waarin geen plaats is voor onderwerping van het gehele menselijk geslacht aan een wereldregering, integendeel. Bovendien houdt de toekomstvisie van de christen een uitzicht in op een wereldvrede van een geheel andere orde en een goddelijk niveau, waarin Jezus Christus ‘en zij die met Hem zijn’, een wereld brengen waar vrede en gerechtigheid heerst. Maar de Bijbel laat er geen twijfel over bestaan dat veel van de demonische doelstellingen waarin de satan mensen tegen elkaar opzet, gerealiseerd worden. Het is alleen zaak dat de christen - door dit te onderkennen - voor zich, en voor anderen tegengas geeft. En dus niet meewerkt aan het vormen van wereldstructuren die uiteindelijk zullen kunnen bepalen hoeveel mensen er mogen leven, hoe lang en van welke kwaliteit. Een dergelijke macht mág niet in handen van mensen komen.

Evolutietheorie - evoluerend naar een coherente één-wereldvorm

Voor veel van de stromingen die we in de New Age Movement aantreffen, is de evolutietheorie van groot belang. Wil men inzicht krijgen in de diepte van deze beweging, dan moet men eerst zien hoe de New Agers het menselijk ras zien. William Thomson bijvoorbeeld, zegt in zijn boek ‘Morele Dimensies in de Gemeenschap’: ‘Planetaire cultuur is de toekomstige cultuur  … ’ Ik zeg dat de internationale civilisatie de grenzen van haar groei heeft bereikt; er komt iets nieuws, de bewuste culturele evolutie van de mensheid. Dit leidt tot een planetaire cultuur’. Tot dusverre ontstaan culturen als samenspel van omstandigheden en levenspatronen.

Betekent een culturele evolutie een centrale planning voor allen, door een kleine groep? De rampzalige gevolgen daarvan hebben we indertijd in China kunnen waarnemen. Gelooft Thomson werkelijk dat we de grenzen van onze groei bereikt hebben? Als dat zo is, dan is dat een Rousseau-achtige kortzichtigheid die we kunnen verwachten van een centrale planning, waarin beslissingen worden genomen die voor allen zou gelden.

In ‘Educating for a New Millenium’ (De nieuwe mens van de 21e eeuw) citeert Harold G. Shane de schrijver D.C. Meadows: ‘De mens bezit de krachtigste combinatie van kennis, werktuigen en bronnen die de wereld ooit gekend heeft. Hij bezit alles wat fysiek nodig is om een geheel nieuwe vorm van menselijke samenleving te creëren - één die generaties lang zal standhouden’. Stelde Hitler ook niet een dergelijk schema voor? Waar de New Agers naar streven, lijkt verdacht veel op Hitlers heilstaat: een superras, waarbij het onvolkomene of ongewenste ‘ausradiert’ was.

De bekende medicus dr. Jonas Salk is één van de door de new age schrijfster Marylin Ferguson (in de ‘Aquarius Conspiracy') geprezen artsen en propagandist op dit terrein. Zij beweert dat wij, als bewaarders van de evolutie, ons moeten afvragen, wat gedaan moet worden voor onze toekomst. Een vraag die noodzakelijkerwijs voortkomt uit de ‘geëvolueerde mens’ ten behoeve van de ‘voortgaande evolutie’. Wie heeft dr. Salk aangesteld als bewaarder van dat evolutionair proces? Hij zou de Bijbel moeten lezen, teneinde ingeënt te worden tegen het idee van een wereldregering en werelddwang.

Dat idee is verder doorgedrongen dan men denkt. Zo zegt dr. Robert Miller, secretaris van de Unesco: ‘De mens is evoluerend naar een coherente één-wereldvorm, die het best beschreven kan worden door het voorbeeld van het menselijk brein: elk mens, jong of oud, lichamelijk gezond of gehandicapt, is een belangrijke neutron in een verrijzend planetair brein, samengesteld door miljoenen netwerken onder mensen’. Hierover zou nog veel meer te zeggen zijn, maar wij willen slechts een beeld schetsen - waaruit blijkt dat groepen mensen streven naar beheersing van leven en dood, om het hele wereldgebeuren te kunnen controleren - wat alleszins te maken heeft met de energieke pogingen van mensen om euthanasie gelegaliseerd te krijgen.

De wet

Dit brengt ons op het onderwerp: de wet. Ook over dit onderwerp willen we in dit kort bestek een paar opmerkingen maken. Vooropgesteld moet worden dat onze wetgeving voor wat betreft ‘euthanasie’ correct is. Het ‘Gij zult niet doden’ (moorden) is en blijft voor christenen de norm en niet alleen voor christenen. Maar het onderwerp is te gecompliceerd om daarmee te volstaan. In deze in zonde gevallen wereld is niemand in staat Gods wetten volkomen te houden. Het aanpassen van de wetgeving aan afwijkende praktijken is echter het paard achter de wagen spannen. Het is onjuist om Gods normen los te laten. Dat er bepaalde noodsituaties zich kunnen voordoen, zal niemand betwijfelen. Maar deze moeten toch steeds in dit licht bezien worden.

In de discussie, die vooral gevoerd werd door politici, juristen en ethici is vrijwel uitsluitend aandacht besteed aan volwassenen die een verzoek tot levensbeëindiging kunnen doen. Nauwelijks is er aandacht besteed aan een groep patiënten waarmee artsen, werkend op een afdeling voor intensieve zorg, regelmatig te maken hebben, patiënten die hun wil niet kunnen uiten. Hierbij moet gedacht worden aan comateuze patiënten, psychisch gestoorden en kinderen, met inbegrip van pasgeborenen. Van de definitie ‘op eigen verzoek’ kan hier geen sprake zijn.

Omgekeerd kan deze onmondige patiënt ook niets weigeren, noch om levensbeëindiging vragen. Een bijzondere groep onmondigen vormen de pasgeborenen. Met de huidige medische kennis is het veelal mogelijk ook pasgeborenen die te vroeg geboren zijn, bijvoorbeeld na een zwangerschapsduur van 26 tot 28 weken en, volgens prof. dr. J.J. Sauer in sommige gevallen nog korter, in leven te houden. ‘Artsen en verpleegkundigen die op een afdeling voor intensieve zorg voor pasgeborenen werken’, zegt prof. Sauer, ‘vragen zich regelmatig af, of starten of continueren van de intensieve zorg, bij bepaalde patiëntjes nog wel zinvol is’. Het gaat hier om patiënten bij wie wel het lijden voorkomen kan worden, maar een intensieve behandeling alleen het sterven wat uitstelt. Dan gaat het om een beslissing of dit uitstel wel zinvol is.

Gehandicapt

Een andere groep is die waarbij vaststaat dat een ernstige handicap bij overleven zal optreden en zelfstandig functioneren volstrekt onmogelijk is. Wij komen hier bij de vraag naar de zin en de kwaliteit van leven. Dit wordt niet alleen bepaald door de fysieke kwaliteit, maar ook door de geestelijke. Wie bepaalt die kwaliteit? Er zijn voorbeelden te over die tonen, hoe een gehandicapte bewust tot zegen kan zijn, ook op latere leeftijd, zie Joni 

De pasgeborene kan zelf niet meebeslissen over het wel of niet staken van de behandeling. Het zijn de ouders die hierin een grote stem hebben. Is de arts verplicht de intensieve behandeling voort te zetten als hij weet dat het eindresultaat een ernstig gehandicapt kind is? Voor de meeste christenouders zal dit geen vraag zijn. Maar hoe groot is het lijden van het kind zelf? Wij kunnen niet aan deze discussie voorbijgaan, want zij komt regelmatig terug op een afdeling voor intensieve zorg voor pasgeborenen. In deze gevallen zullen de belangen van het kind en de mening van de ouders zorgvuldig overwogen moeten worden. 

Er moet, waar mogelijk met hun standpunt rekening gehouden worden, hoewel het al dan niet staken van de intensieve behandeling uiteindelijk een medische beslissing is. De ouders zouden in juridische zin geen medezeggenschap hebben. Toch weegt hun oordeel zwaar. Eén simpele richtlijn is voor al deze gevallen niet te geven. In elk geval apart zal opnieuw de balans opgemaakt moeten worden.

Enige aspecten van de discussie over euthanasie

Euthanasie zoals die ons nu gepresenteerd wordt, wordt onderscheiden in:
Vrijwillige euthanasie: waarbij euthanasie wordt toegepast op uitdrukkelijk (ev. schriftelijk vastgelegd) verzoek en instemming van de patiënt.

Onvrijwillige euthanasie: Zonder uitdrukkelijke en rechtsgeldige instemming van de betrokkene. Dit geldt ook voor abortus en gehandicapte pasgeborenen.

Actieve euthanasie: Het toepassen van levensbeëindigende middelen of handelingen.

Passieve euthanasie: Het niet of niet meer toepassen van levensverlengende middelen of handelingen.

Er wordt in de hele euthanasiediscussie steeds weer gesproken over de zogenaamde zorgvuldigheidseisen. Maar wie moet al deze voorwaarden controleren? Men kan ervan overtuigd zijn dat er in de praktijk moeilijk valt te controleren of aan al die ‘zorgvuldigheidseisen’ is voldaan.

‘dat euthanasie alleen kan worden overwogen als het stervensproces is aangevangen’. De Staatscommissie zegt ook in haar advies dat wat over euthanasie wordt opgemerkt, ook van kracht is voor hulp bij zelfdoding. Het één ligt in het verlengde van het ander.

Als wij in het rapport zelfs lezen, dat minderjarige jongeren euthanasie kunnen laten plegen zonder dat hun ouders daarover bericht hoeven te worden, behoeft niemand zich enige illusies te maken. Terecht merkt de Broederschap van Pinkstergemeenten in ‘Parakleet’ op dat ‘er een doodsklimaat bezig is zich te vestigen, waarin de mensen hun leven niet meer zeker zijn, en daarbij nog niet eens te spreken van kwaadwilligheid, die in talloze vormen de weg geopend vindt’.

Wat is de oorzaak van dit alles?

Ongetwijfeld komt het voort uit en is het een gevolg van die merkwaardige geestesstroming, waarbij de mens als een god over leven en dood wil heersen. Mw. M.A. Karsemeijer schrijft in de lezenswaardige uitgave van Hospital Christian Fellowship Nederland: ‘Juist omdat euthanasie wordt voorgesteld als een middel om een mens in het stervensproces zo te helpen dat hij ‘menswaardig’ kan sterven, staan we zo gemakkelijk open voor alle argumenten die bepleiten dat het in een aantal situaties toch mogelijk zou moeten zijn een mens uit zijn lijden te helpen. Argumenten die ook in christelijke kringen opgeld doen’. De Hervormde Synode komt zelfs tot de uitspraak: ‘Wie verzadigd is van het leven en in elk geval vervuld is van het heil, kan heengaan, zijn leven teruggeven aan God en plaats maken voor een ander’. Vooral dit laatste is pikant. Niet God neemt het initiatief, maar de mens zelf!

Maar voor hen die God niet kennen, geen contact met Hem hebben, moet tot het laatst de kans gegeven worden tot herstel van de band met God. Het evangelie waarin God in Jezus Christus de wereld en de mens met Zichzelf verzoende, wordt de stervende aangeboden totdat hij de laatste adem uitblaast. Van zijn houding ten aanzien van God hangt voor hemzelf veel af. Deze tegenstelling tussen dood en leven vinden we in de Bijbel terug. Paulus zegt in Efeze 2:1: ‘Ook u, hoewel gij dood waart door uw overtredingen en zonden, waarin gij vroeger gewandeld hebt,  …  heeft ons  …  mede levend gemaakt met Christus  …  Romeinen 6:12 zegt: ‘Laat de zonden niet heersen in uw sterfelijke lichamen  …  als mensen die dood zijn geweest,  …  maar thans leven’. De troost uit Gods Woord wordt weerspiegeld in de woorden uit Joh 11:25: ‘Wie in Mij gelooft zal leven, ook al is hij gestorven’.

Eens vertelde iemand, die een bijna geslaagde zelfmoordpoging had gedaan, toe hij bij bewustzijn gekomen was: ‘Wat heb ik een fout gemaakt. Ik werd nog niet verwacht; er was op mij niet gerekend en ik stond nog niet ‘op de lijst’. Ik had mijn leven in eigen hand genomen. Maar nu zal ik het goed maken  … ’

Pastoraat

‘Pastoraat” wordt wel eens omschreven als ‘het helpen zoeken naar een (uit-)weg bij geloofs- en levensvragen, wat bij stervensbegeleiding wel een bijzonder accent krijgt. In een gesprek blijkt dan toch vaak dat het verzoek om een ‘zachte dood’ gedaan werd in een periode van pijn, ontmoediging en depressie, en dat bedoeld werd ‘zó niet verder te behoeven leven’. Het Gereformeerd euthanasierapport (in een speciale uitgave van ‘Kerk-Informatie’) komt tot de conclusie: ‘Ja  …  mits’. Een verzoek om euthanasie of hulp bij zelfdoding mag niet bij voorbaat afgewezen worden’. Dat geldt ook voor euthanasie op pasgeboren ernstig gehandicapte kinderen.

Commentaar uit christelijke hoek

Huiveringwekkende taal, zegt Dr. J. Hoek in een commentaar hierop. ‘Er zijn geen afdoende medische criteria voor ondraaglijk lijden of een reële doodsverwachting. Niet definieerbare termen behoren in een wet niet thuis,’ zei prof. dr. F.L. Meijler onlangs in een beschouwing over euthanasie in het Tijdschrift voor Geneeskunde. Hij vindt een wettige regeling ‘wettisch-juridisch’ niet nodig. ‘Is doden straks geen misdaad meer?’ vraagt zich de Stichting Schreeuw om Leven’ zich af. Het was 1984 toen de Tweede Kamer akkoord ging met de wetgeving die abortus legaliseerde. De meerderheid van de Staatscommissie Euthanasie wilde een einde maken aan de wet die op dit moment het opzettelijk doden van mensen verbiedt. Deze wetswijziging zou een keerpunt betekenen in de geschiedenis van de geneeskunst en van onze beschaving. Zij is in strijd met de Verklaring van Genève van 1948, waarin de arts eerbied voor het leven van zijn patiënt belooft vanaf de bevruchting tot de dood. In strijd ook met de verklaring van de Rechten van de mens, maar ook met het Europese Verdrag tot Bescherming van de Rechten van de Mens.

Wat is er gebeurd?

De geneeskunst hield zich tot nu toe bezig met genezen, met verzachten van lijden en het staken van de behandeling als deze niet meer in het belang is van de patiënt. Omdat doden geen geneeskunst is, en de patiënt niet kan weten of een bepaalde behandeling bedoeld is om hem beter te maken of zijn pijn te verlichten of om hem opzettelijk te doden. Op medische gronden? Bij obductie blijkt volgens prof. Meijler dat artsen er bij 10 tot 30 procent van de gevallen naast hebben gezeten met hun diagnose en de opgegeven doodsoorzaak. Legaliseren van euthanasie is een groot onheil over ons halen. Wetswijziging kan indoctrinatie en manipulatie aanwakkeren. Als wij zelfbeschikkingsrecht over het leven menen te moeten hebben, dan zijn alle ethische en morele grenzen weg. Vooral bij comapatiënten rijst de vraag: Wat is leven?

‘De mens wil als God zijn’ - de hoogmoed van satan

Hierin neemt rockmuziek bijvoorbeeld een belangrijke plaats in. Rockmuziek is een van de meest nadrukkelijke symptomen van het verval van de westerse moraal. De techniek die hierbij wordt toegepast, heeft een groot destructief effect op de psyche van de westerling. Vooral dat deel van de westerse bevolking dat na de tweede wereldoorlog geboren werd, is slachtoffer. Anderhalve generatie wordt sinds de geboorte belaagd door een diep, lawaaiig medium, met zijn dikwijls hysterisch makende effecten. Men beweert graag, dat rock een vorm van protest is. Maar de grillige arrangementen, de buitensporige haardracht en kleding, de onzedelijkheid, de voorliefde voor het macabere en bizarre, de woede en de opstandigheid die de velen lijkt te verteren, vaak een onwezenlijke dood ten gevolge hebbend, is geen vorm van protest. Het is een symptoom van verval van westerse waarden. Imitatie daarvan laat geen ruimte voor het geestelijke lied.

‘Het opzettelijk levensbeëindigend handelen, 

hetzij door een actief ingrijpen, hetzij door het nalaten van een (medische) ingreep, door een ander dan de betrokkene, op diens verzoek of anderszins.'

Ethische stellingname

Wij keuren euthanasie zoals boven omschreven is af. In de uitgebreide, nu al jaren gevoerde discussie blijkt overduidelijk dat altijd uitgegaan wordt van het goede in de mens. Dat wil zeggen hij zou zelf weten wat wel of niet goed is. De beide wereldoorlogen in deze eeuw tonen het onhoudbare van deze stelling op een flagrante wijze aan. Voor ons is de volgende observatie daarom relevant, Kan een ziek mens, geplaagd door ondraaglijk lijden, zelf beoordelen of verlossing uit dit lijden goed voor hem is? Is het reëel in een dergelijke noodsituatie een objectieve wilsbeslissing te verwachten?

Strekt de vraag naar verlossing van dit ondraaglijk lijden zich niet verder uit, bijvoorbeeld naar de mensen om de lijdende heen, familie, vrienden, medisch personeel, geestelijke verzorgers? Is het geen vraag naar een effectievere stervensbegeleiding of pijnbestrijding, naar een meer persoonlijke benadering en behandeling?

Het is afkeurenswaardig als niet naar deze achterliggende problematiek gevraagd wordt. Met het bovengenoemde staat het recht op zelfbeschikking in verband. ‘De mens moet vrij over eigen leven en dood kunnen beschikken’ stelt men. Zo wordt het leven als een gave van God gerelativeerd en komt het er in gevallen van actieve euthanasie op neer dat men waarden optelt en aftrekt en belangen afweegt om een ‘geoorloofde’ beslissing te nemen.

Wie bepaalt die geoorloofdheid?

Alleen de behandelende geneesheer? Hoe is het mogelijk dat euthanasie als dodelijk ingrijpen nog omschreven wordt als een geneeskundige handeling? Onttrekt de samenleving zich niet aan haar gezamenlijke verantwoordelijkheid wanneer zij de beslissing om over te gaan tot euthanasie neerlegt bij de stervende en de geneesheer? Wij kunnen immers niet ontkennen dat de samenleving een verplichting heeft ten aanzien van het individu. Ieder individu mag van zijn medemens recht op leven en bescherming van zijn bestaan verwachten. In dit opzicht is een verzoek om euthanasie kritiek op de samenleving die faalt (bijvoorbeeld door het nalaten van een goede stervensbegeleiding) het menselijk bestaan, leven en sterven, zinvol te beleven. Een ander aspect waarom wij euthanasie afkeuren is dat het in specifieke gevallen mogelijk zal zijn dat familieleden druk uitoefenen op de patiënt om over te gaan tot het verzoek om een zachte dood.

In onze tijd wordt het lijdens- en stervensproces vaak als niet-leven beschouwd en steeds meer in de taboesfeer gedrukt. Men is het lijden liever kwijt dan rijk, om nog maar niet te denken aan andere motieven, bijvoorbeeld een flinke erfenis. De nabestaanden zullen dan al snel geneigd zijn om tot de conclusie te komen ‘dat het zo lang genoeg geduurd heeft voor de lijdende patiënt’. Indoctrinatie en manipulatie worden aangewakkerd als euthanasie wordt vrijgegeven. Het is tevens denkbaar dat in een tijd waar veel over bezuinigingen wordt gesproken en ook wordt toegepast, de sociale druk om euthanasie te verzoeken groter wordt.

Het zou aanbevelenswaardig zijn om meer geld te reserveren voor een degelijke bejaardenzorg, een effectieve pijnbestrijding en een adequate stervensbegeleiding. Dit blijkt de feitelijke nood in de gezondheidszorg te zijn. De consequenties van een wetsverandering die het perspectief opent het leven actief te beëindigen, zullen onder meer zeer demotiverend werken op de betrokken hulpverleners. Van solidariteit met de stervenden zal nog nauwelijks sprake zijn. Hierbij tekenen wij aan dat anders dan bij de toepassing van abortus provocatus, het voor hulpverleners onmogelijk is om ongewilde en indirecte medewerking aan euthanasie te voorkomen door overplaatsing aan te vragen. Voor de verhoudingsgewijs velen uit onze achterban die in de verzorgende sector werkzaam zijn, zal een legalisering van euthanasie onoverkomelijke gewetensproblemen met zich mee brengen.

Terecht is er in diverse publicaties gewezen op de gevaarlijke glijbaaneffecten. Deze kunnen zelfs leiden tot de liquidatie van mensen van wie het leven in een bepaald tijdsgewricht als ‘ondraaglijk’ of als ‘uitzichtloos’ worden beschouwd of zichzelf als zodanig beschouwen (bijvoorbeeld zwakzinnigen of zij die bij herhaling een poging tot zelfdoding hebben verricht). Hoewel de vergelijking wat ver gaat, kunnen wij ons voorstellen dat schrikbeelden uit de tijd van het nationaal socialisme en de Holocaust van de tweede wereldoorlog in dit verband opdoemen. Van betekenis is daarom dat recentelijk enkele vooraanstaande joden in ons land zich hebben uitgesproken tegen legalisering van euthanasie, zowel op ethische als theologische gronden.

Wij erkennen de keuzevrijheid van ieder individu

Echter, de consequenties van deze keuze blijft ieder ten opzichte van God verantwoordelijk. Wij geloven dat de God die wij in Jezus Christus, hebben leren kennen, de God is, die zich vanaf het begin aan mensen heeft bekendgemaakt. In deze openbaringen, opgetekend in de Schrift, wordt ons duidelijk dat God de mens geschapen heeft als verantwoordelijk wezen. Dat wil zeggen: de mens is aanspreekbaar en in staat om te antwoorden. God heeft de mens als zodanig in aanzijn geroepen om in relatie te staan met Hem, de medemens en de wereld. Het eerste Bijbelboek, Genesis toont dit reeds aan. God blijkt de Schepper en Heer van het leven te zijn.

Mede hierdoor vinden wij dat de mens, die in beginsel een band heeft met de levende God, niet zelf het heft in handen mag nemen om het leven (eenzijdig) te benemen of te laten benemen, ook niet in, naar de mens gesproken uitzichtloze situaties. Met name in het Nieuwe Testament wordt door de komst van Jezus Christus (Zijn leven en werken), openbaar hoezeer God geïnteresseerd is in de mens; de mens is het doel van God. Hij is gericht op het welzijn, het heil van de mens. God toont initiatief en offert daar zelfs Zijn Zoon voor op. Het leven en werken van Jezus demonstreren Gods liefde voor de mens. In Jezus strekt God zich uit naar dat wat verloren en niet in aanzien is in deze wereld.

De evangeliën beschrijven hoe Jezus rondging om mensen te bevrijden, wonderen te bewerken en zieken te genezen. Omdat wij geloven dat God het leven schenkt aan de mens en wij het voorrecht hebben om dit leven met God, de naaste en de wereld te delen, aanvaarden wij het leven èn het sterven uit de hand van God. De uitspraak van de apostel Paulus in Romeinen 14:7 inspireert ons het leven in al zijn facetten te aanvaarden, inclusief het sterven als (be)eindiging van dat levensproces. In deze tonen wij onze eerbied voor en afhankelijkheid van de Schepper en Onderhouder van de wereld en haar bewoners. Het leven zelf beëindigen of laten beëindigen in welke fase van het leven dan ook, is daarom onaanvaardbaar, evenals het sterven op onnatuurlijke wijze uit te stellen.

Terecht is de waardigheid van de menselijke persoon de kern van de Internationale Verklaring van de Rechten van de Mens. Deze waardigheid bestaat onder andere hierin dat de mens in staat is te beantwoorden aan het doel van de schepping: leven in harmonie met God en medemens, tot eer van God. Hierin is de mens uniek en als persoon voor God onvervangbaar. Dat betekent onder meer dat wie het als een opdracht ervaren om goede pastorale zorg te verlenen aan zieke mensen en te voorzien in een adequate stervensbegeleiding zeer belangrijk zijn. Wij hebben een boodschap van hoop en de concretisering ervan bewijst nog altijd dat deze niet ijdel is. Mensen veranderen wanneer de boodschap realiteit wordt in hun leven, zelfs uitzichtloze situaties kunnen veranderen. Soms worden ziekte, pijn en lijden door de kracht van God en goede pastorale zorg opgeheven of tenminste draaglijker voor het betreffende individu.

Politieke reflectie en gevolgtrekking

Wij spreken onze zorg uit over de toenemende normvervaging en de grensverschuiving van de menselijke waarden c.q. waardigheid. Het is naar onze overtuiging bij uitstek de taak van de overheid om het menselijk leven effectief te beschermen. Het is voor ons onaanvaardbaar dat in de politieke behandeling het accent bijna uitsluitend is komen te liggen op de medische kant van de zaak. Met name in de stervensbegeleiding is er in veel gevallen een bijzondere en specifieke rol voor de geestelijk verzorgers weggelegd.