Romeinen 4 - Abraham door het geloof gerechtvaardigd

Romeinen 4 sluit naadloos aan bij de hoofdstukken 15 en 17 van Genesis, waarin we kennis maken met de bekende aartsvader Abraham, die een Vader van vele volken zal zijn en in wie alle geslachten van de aarde gezegend zullen worden.

Veel beloften aan Abraham gegeven zijn nog niet eens bij zijn leven vervuld. Toch behield hij een vast geloof dat God zal doen wat Hij belooft in een toekomstige wereld. God noemt Abraham “Zijn vriend” of “hem die Mij liefhad”.

Jesaja 41:8: „Maar gij, Israël, mijn knecht, Jakob, die Ik verkoren heb, nakroost van mijn vriend Abraham.”

Jakobus 2:23 En de Schrift is vervuld die zegt: En Abraham geloofde God, en het is hem tot gerechtigheid gerekend, en hij werd een vriend van God genoemd.

Paulus wil dat als voorbeeld stellen: het was de liefde en het geloof van Abraham dat hem in zo’n speciale verhouding tot God deed staan. Waar liefde is, daar is geloof en de bereidheid om de Ander te dienen en te gehoorzamen. Dat  is een uitvloeisel van dat geloof. Want Abraham hield de geboden, al waren ze nog niet eens op de Sinaï publiek gemaakt. Hij verlangde niet anders te doen dan wat Zijn Vader in de hemel behaagde.

Genesis 26:5 omdat Abraham Mijn stem gehoorzaamd heeft en MIJN VOORSCHRIFTEN, MIJN GEBODEN, MIJN VERORDENINGEN en MIJN WETTEN in acht genomen heeft.

Abraham hield al die soorten geboden, zoals ze in Israël werden ingedeeld:

  • Mijn voorschriften/leiding/opdrachten = מִשְׁמַרְתִּי mishmareti 4931
  • Mijn geboden = מִצְוֺתַי 4687 mitzwoti -
  • Mijn verordeningen חֻקּוֹתַי 2708 goeqiem/goeqoti - 
  • Mijn wetten תוֹרֹתָי torati  8451

(de letter i aan het eind betekent “Mijn”).

Nou, dan had hij toch zeker wel  zijn rechtvaardigheid verdiend……  NEE, NEE!!  Abraham deed het omdat hij God geloofde, vertrouwen had in Hem, omdat hij Hem liefhad. Dàt is de voorwaarde om een rechtvaardige, een “tsadieq”  te zijn. Al die werken zijn daaruit voortgekomen.

Als je Gods geboden doet omdat het nu eenmaal moet en je daarmee de status van “rechtvaardig” verdient waardoor je toegang tot het Koninkrijk krijgt, lijk je op een werknemer die naar zijn baas toe gaat en zijn loon opeist.  Maar God is geen werkgever, Hij wil onze Vader zijn in een hartelijke Vader-Kind relatie.  Hij wil ons alles geven in Zijn Zoon.  Dat is genade!

Nu gaat het in dit hoofdstuk juist heel veel over een “vader” . Het woord wordt zeven keer genoemd als titel voor Abraham.  Dit vaderschap is zowel in fysieke als geestelijke zin bedoeld.  Hij is een fysieke vader voor de Israëlieten, omdat het verbond gesloten is in de lijn van Abraham, Izak en Jacob.  

God zelf gaf Abram een nieuwe naam, want Abraham was een nieuwe schepping.  God gaf ook de betekenis van die nieuwe naam: “vader van vele volkeren”. En zo, schrijft Paulus, worden ook gelovigen uit de heidenen herschapen, door het geloof van Abraham, tot “een nieuwe schepping”.

2 Korinthe 5:17 Daarom, als iemand in Christus is, is hij een nieuwe schepping: het oude is voorbijgegaan, zie, alles is nieuw geworden.

Galaten 6:15 Want in Christus Jezus heeft niet het besneden zijn enige kracht, en ook niet het onbesneden zijn, maar wel dat we een nieuwe schepping zijn.

Ook degenen die fysiek  van  Abraham afstammen moeten net als Abraham “een nieuwe schepping” worden.

Romeinen 4:12 en om een vader te zijn van hen die besneden zijn, voor hen namelijk die niet alleen besneden zijn, maar die ook wandelen in de voetsporen van het geloof van onze vader Abraham dat hij had toen hij nog onbesneden was.

Wie wel besneden is, maar niet het geloof van Abraham heeft, heeft Abraham niet tot vader.

(wie meer over de besnijdenis wil lezen kan deze pagina raadplegen)

 

Johannes 8:39 Zij antwoordden en zeiden tegen Hem: Abraham is onze vader. Jezus zei tegen hen: Als u Abrahams kinderen was, zou u de werken van Abraham doen.

Die werken van Abraham bestonden uit een vast geloof, vertrouwen en gehoorzaamheid uit een liefdevol hart.

Geloof dat door de liefde werkt wordt bewerkt en versterkt door de Heilige Geest en de gelovige komt dan ook niet in conflict met Gods wet:

Galaten 5:22, 23 De vrucht van de Geest is echter: liefde, blijdschap, vrede, geduld, vriendelijkheid, goedheid, geloof, zachtmoedigheid, zelfbeheersing.  Daartegen richt de wet zich niet.

Heel anders dan de farizeeën die met hun “status” als kinderen van Abraham hun eigen eer zochten, zichzelf belangrijk vonden en de mensen ondragelijke lasten oplegden door zelfgemaakte regeltjes. De farizeeën predikten een werkheiligheid zonder liefde tot God en de naaste.

HET GAAT OM DE LIEFDE!” Dat zeggen de mensen vaak als ze het niet eens zijn met elkaar. En dat is waar, maar dan ook de liefde zoals God die van ons verwacht!  God in de allereerste plaats.  Om de liefde mag je niet schipperen met Zijn waarheid. Liefde die ten koste van Gods Waarheid gaat is geen liefde. 

Matt. 10:33  wie Mij verloochenen zal voor de mensen, die zal Ik ook verloochenen voor Mijn Vader, Die in de hemelen is.

Mattheüs 22:37 Jezus zei tegen hem:

U ZULT DE HEERE, UW GOD, LIEFHEBBEN MET HEEL UW HART, MET HEEL UW ZIEL EN MET HEEL UW VERSTAND. 38. Dit is het eerste en het grote gebod.

  1. En het tweede, hieraan gelijk, is: U zult uw naaste liefhebben als uzelf.
  2. Aan deze twee geboden hangt heel de Wet, en de Profeten.

Abraham was niet zonder zonde.  Geen mens is zonder zonde. Toch was de rode draad in het leven van Abraham volhardend te blijven geloven in wat God gezegd had. En wat duurde het lang voordat de beloofde zoon kwam:

 

Romeinen 4:18. En hij heeft tegen alles in gehoopt en geloofd dat hij een vader van vele volken zou worden, overeenkomstig wat gezegd was: Zo zal uw nageslacht zijn.

 

En toen die zoon Izak geboren was moest hij hem offeren en vertrouwde hij erop dat het God is die doden levend maakt (zie centrale as! Vers 17)

 

Hebreeën 11:17 Door het geloof heeft Abraham, toen hij door God op de proef gesteld werd, Izak geofferd. En hij, die de beloften ontvangen had, heeft zijn eniggeborene geofferd.

  1. Tegen hem was gezegd: Dat van Izak zal uw nageslacht genoemd worden. Hij overlegde bij zichzelf dat God bij machte was hem zelfs uit de doden op te wekken.
  2. En hij kreeg hem als het ware daaruit ook terug.

 

Zo mogen wij, als rechtgeaarde kinderen van Abraham, ook volharden in deze eindtijd, waarin ons geloof op de proef gesteld wordt. God houdt Zijn beloften. Ook wij mogen door het geloof de stad verwachten die fundamenten heeft, waarvan God de Ontwerper en Bouwer is.