Openbaring 2a - de brief aan Efeze
Brief aan Efeze – de belangrijkste stad van Azië, een commercieel knooppunt. Drie handelsroutes liepen langs deze stad met meer dan 250.000 inwoners. De stad herbergde een stadium, een markt en een theater. De stad was een godsdienstig centrum van de keizercultus. De belangrijkste tempel was die van Artemis (of Diana), de godin van de prostituees. Afgoderij en onzedelijkheid waren mede steunpilaren van de economie (zie Hand. 19-23 e.v.). Latere woonplaats van Johannes.
Efeze was als gemeente ontstaan door het werk van Aquila en Priscila, ca. 52 na Christus (Hand. 18:18-22). De gemeente met de juiste leer, maar zonder eerste liefde (2:1–7).
Lof:
- IJver, volharding, weigeren van valse apostelen.
- Haat tegen de werken van de Nikolaïeten.
Kritiek:
- Ze hebben hun eerste liefde verlaten: de vurige toewijding aan Christus is afgekoeld.
Oproep:
- Bedenk vanwaar je gevallen bent, bekeer je, doe opnieuw de eerste werken.
Belofte:
- Toegang tot de boom des levens in het paradijs van God.
Openbaring 2:1 Schrijf aan de engel van de gemeente in Efeze: Dit zegt Hij Die de zeven sterren in Zijn rechterhand houdt, Die te midden van de zeven gouden kandelaren wandelt:
Openbaring 2:1 Schrijf aan de engel van de gemeente in Efeze: Dit zegt Hij Die de zeven sterren in Zijn rechterhand houdt, Die te midden van de zeven gouden kandelaren wandelt:
Schrijf aan de engel van de gemeente in Efeze....... Yeshua had aan Johannes opdracht gegeven de zeven gemeentes in Klein Azië namens Hem te schrijven (Openbaring 1). De gemeente ontvangt dus een persoonlijke brief van de verheerlijkte Christus.
Dit zegt Hij Die de zeven sterren in Zijn rechterhand houdt......... Degene die de zeven sterren in Zijn hand houdt, is Yeshua in eigen Persoon. Met die zeven sterren worden de leiders van de gemeente bedoeld die Gods Woord prediken. Hier in Efeze is dus de voorganger van deze gemeente bedoeld. Sterren en de hemelse legermachten worden in de Bijbel vaak in verband gebracht met de macht en aanwezigheid van God, vooral in de uitdrukking "De HEER (YAHWEH) der legerscharen" (of "Heer van de legermachten"). Meestal is er dan sprake van hemelse wezens en dat zijn de aardse voorgangers niet. Toch moet er in de geestelijke strijd een verbinding zijn tussen hen die op aarde voorgaan in de geestelijke strijd en de geestelijke machten in de hemelse gewesten. Dan hebben zij ook het van God afgeleide gezag en autoriteit. Dat zagen we bijvoorbeeld heel duidelijk bij Paulus.
Toch zei Yeshua in Mattheüs 23:8: Maar u mag zich geen rabbi laten noemen, want Eén is uw Meester, namelijk Christus; en u bent allen broeders.