English: click here!

Numeri 17 - de bloeiende staf van Aäron

Het hele hoofdstuk 17 van het boek Numeri in één parallellisme vervat. Dat maakt dat er op datgene wat wordt meegedeeld de nadruk valt.

We zien in het A-vak dat YHWH zelf tot Mozes spreekt en dat Mozes Zijn woordvoerder, middelaar is naar het volk.


In het B-vak komt heel nadrukkelijk naar voren dat Aäron de door God aangewezen hogepriester is. Hij was het hoofd van de Levieten. Zo had God het ingesteld en mensen mogen dat niet veranderen, ook al hebben ze nog zoveel aannemelijke argumenten daarvoor.

C- vak: Mozes zelf wordt aangewezen om de staven voor de ark (getuigenis) neer te leggen. Hij en Aäron zijn de enigen die deze geheiligde ruimte, het Heilige der Heiligen, mogen binnengaan en dan ook alleen op aanwijzingen van God.

D-vak: Tussen al die dode stokken lag één stok die leven voortbracht: bloesem en amandelen. Telkens als er in de Bijbel sprake is dat leven voortkomt uit de dood, is dat een verwijzing naar Yeshua. In Israël was de amandelboom de boom die het eerst in bloei staat in het voorjaar. Het was dus een “eersteling” en ook dat verwijst weer naar de Eersteling uit de dood: Yeshua, die onze Hogepriester is en waarvan Aäron een vertegenwoordiging was.
Dat die bloesem en de amandelen in één nacht waren ontstaan wijst op Gods Scheppingskracht. Het Hebreeuwse woord voor “amandel” is “shaqad” שֹׁקֵד , hetgeen ook “waken” betekent. Een tekst waarin het woord in beide betekenissen als een woordspeling wordt gebruikt, is:

Jeremia 1: 11 Het woord van YHWH kwam tot mij: Wat ziet u, Jeremia? Ik zei: Ik zie een amandeltak (“shaqad” שֹׁקֵד). 12 Toen zei de HEERE tegen mij: Dat hebt u goed gezien, want Ik waak (“shaqad” שֹׁקֵד) over Mijn woord om dat te doen.

Hierin zien we ook de betekenis wat er in deze geschiedenis van Numeri 17 plaats vindt. God waakt over Zijn Woord. Dat bevestigt ook :

Hebreeën 5: 4 En niemand matigt zichzelf die waardigheid aan, maar men wordt er door God toe geroepen, zoals Aäron. 5 Zo heeft ook Christus Zichzelf niet de eer gegeven om Hogepriester te worden, maar Hij Die tot Hem heeft gesproken: U bent Mijn Zoon, heden heb Ik U verwekt.

E Vak: de stokken worden door Mozes getoond aan het volk. Iedere stam kreeg zijn leidersstok terug, maar de staf van Aäron moest terug naar het Heilige der Heiligen, de plaats waar onze Hogepriester nu ook is: het hemelse Heilige der Heiligen. Uit Hebreeën 9:4 blijkt dat die staf daarna in de ark, die de troon van God uitbeeldt, bewaard bleef.

De nadruk van het E-vak is het mopperen van het volk, waaraan een einde moet komen.
Het mopperen over de weg die God met ons gaat roept om straf. Dat profeteerde Henoch al in het begin van de geschiedenis over het einde van de geschiedenis:

Judas 1: 14b Zie, de Heere is gekomen met Zijn tienduizenden heiligen, 15 om over allen het oordeel te vellen en alle goddelozen onder hen terecht te wijzen voor al hun goddeloze daden, die zij op goddeloze wijze bedreven hebben, en voor al de harde woorden die zij, goddeloze zondaars, tegen Hem gesproken hebben.

16 ZIJ ZIJN HET DIE MORREN, DIE KLAGEN OVER HUN LOT, DIE NAAR HUN EIGEN BEGEERTEN WANDELEN. Hun mond spreekt hoogdravende woorden, terwijl zij mensen naar de ogen zien. ter wille van voordeel.

We hebben van deze geschiedenis geleerd dat ook onder ons menig religieus leider kan optreden gedreven door eigenwillige vroomheid, met het Woord van God in de mond, maar handelend uit eerzucht en eigenbelang. Ze kunnen heel sympathiek en charismatisch overkomen en hebben zichzelf wijs gemaakt dat ze iets goeds doen. Maar ze zijn niet tot die taak geroepen.  Ze slepen met hun dwaalleer vele niets vermoedende gelovigen achter zich aan. Maar het oordeel zal over hen komen, net zoals over Korach, Datan, Abiram en hun aanhang. 
Zoek zelf in Gods Woord naar de Waarheid die Hij ons daarin bekend maakt. Toets alles wat je hoort en leest.


1 Johannes 2:En wat u betreft, de zalving die u van Hem hebt ontvangen, blijft in u, en u hebt het niet nodig dat iemand u onderwijst; maar zoals deze zalving u onderwijst met betrekking tot alle dingen – en die zalving is waar en is geen leugen – en zoals ze u heeft onderwezen, zo moet u in Hem blijven.

Laten we Hem de eer geven, onze Hemelse Hogepriester, door God aangesteld, die ons met zijn kostbaar bloed heeft gekocht uit de macht van de duisternis.

De staf van Aäron in de ark

Numeri 17:10 Toen zei de HEERE tegen Mozes: Breng de staf van Aäron terug vóór de getuigenis, om hem te bewaren, als teken voor de opstandigen. En u zult een einde maken aan hun gemor over Mij, opdat zij niet sterven.

De Bron van leven is alleen in Yeshua haMashiach te vinden als onze Hogepriester nu!

Hebreeën 9:4 met een gouden wierookvat en de ark van het verbond, die geheel met goud overtrokken was. In deze ark lagen de gouden kruik met het manna en de staf van Aäron, die gebloeid had, en de stenen tafelen van het verbond.

De staf van Aäron bleef in de ark gedurende de woestijnreis. De betekenis van de naam “Levi” is toevoegen. 

En Ik zal de Levieten als een geschenk geven aan Aäron en zijn zonen. Leviticus 8:19

De laatste twee teksten van dit hoofdstuk laten zien dat het volk onder de indruk is van wat er allemaal gebeurd is. Er zijn 14.700 mensen gedood. Iedereen kent wel mensen uit hun omgeving die er niet meer zijn. Nu heeft God weer zo duidelijk en wonderlijk laten zien wie de hogepriester is. Ze beseffen dat met Jahweh niet te spotten valt. Een zekere angst maakt zich van hen meester.  Die "vreze des Heren" is nodig om samen met Hem verder te gaan. Zo zullen ze Hem leren vertrouwen en gehoorzamen. In die weg zullen ze gaan begrijpen dat alleen Gods weg tot het doel zal leiden. 

Numeri 17:12En de Israëlieten spraken tot Mozes: Zie, wij geven de geest, wij komen om, wij komen allen om!13Al wie ook maar naderbij komt tot de tabernakel van de HEERE, zal sterven; moeten wij soms allemaal de geest geven?


Alleen Gods weg kan tot het doel geleiden,
Zijn Woord is waar en zuiver t' allen tijde.
Hij is een schild, een schuilplaats in de strijd,
voor al wie bij Hem zoekt naar veiligheid.
Want wie is God, dan deze onze Heere ?
Wie is de rots die alles kan trotseren ?
Alleen die God die mij met kracht omgordt,
bij wie mijn levenspad een heilsweg wordt.
Psalm 18:9 berijmd