Daniël 2:1-23 - Nebukadnezar droomt

Nebukadnezar had gedroomd. De droom had hem erg aangegrepen. Hij kon niet meer in slaap vallen en hij begreep dat die droom hem iets belangrijks te zeggen had. Het was ook God die met deze droom naar Nebukadnezar was toegekomen. Geen wonder dat dit hem zo verontrustte.  Hij moest weten wat dit te betekenen had.

De wijzen uit die tijd stonden in contact met de occulte godenwereld. Het was het hoogst wetenschappelijk college in de klassieke oudheid. 

De koning kende zijn raadgevers en magiërs. Hij wist dat zij een uitleg zouden kunnen bedenken om de koning tegemoet te komen. Ze zouden zelfs met elkaar een uitleg kunnen samenstellen, die aannemelijk lijkt, maar die in feite een leugen is. 

Maar hij besefte, deze droom is tè belangrijk om daarvoor een onbetrouwbare uitleg te krijgen. Hij bedacht een onmenselijke voorwaarde om zeker te kunnen zijn van de juiste verklaring: ze moesten hem eerst maar eens vertellen wat die droom was, dan zou het duidelijk zijn dat ze  werkelijk inzicht kregen vanuit de spirituele godenwereld.  En als ze die droom niet konden vertellen had de uitleg ook geen waarde en zou hij hen allemaal doden.

Dat was “paniek in de tent”.  Angst speelde hen parten. Want de koning kon zomaar iemand doden als iets hem niet aanstond, dus zo iemand moest je altijd te vriend houden. Zo redeneert de mens die God niet kent. En nu deze dreiging....

“Jullie moeten  mij vertellen wat ik heb gedroomd. Daarna moeten jullie de droom uitleggen. Als jullie mij niet vertellen wat ik heb gedroomd en wat de droom betekent, zal ik jullie in stukken laten hakken en jullie huizen laten verwoesten. Maar als jullie mij vertellen wat ik heb gedroomd en wat het betekent, zal ik jullie een grote beloning geven. Ik zal jullie geschenken en grote eer geven. Vertel mij dus wat ik heb gedroomd en wat het betekent."

En het kwam zover dat Nebukadnezar metterdaad de opdracht gaf om alle wijzen te doden. Het besluit werd bij wet vastgesteld.   Wat de wijzen ook zeiden over het onmogelijke van wat hij vroeg, het deed niet ter zake. Afslachten dat stelletje wijsneuzen, die niets betekenden als het erop aan kwam. Ook Daniël en zijn vrienden liepen de kans vermoord te worden, al was hen nog niets gevraagd.

 

Daniël hoorde dat de koning alle wijzen wilde doden. Hij informeerde naar de reden en ging direct naar de koning met het verzoek hem nog even de tijd te geven en te wachten met het uitvoeren van het besluit om te doden. 


Toen riep zijn vrienden bijeen om in gebed te gaan. Want alleen God, die Nebukadnezar de droom had gegeven, kon dit aan Zijn dienaren bekend maken. En God openbaarde Daniël de droom èn zijn betekenis!

We zien dat Daniël zijn grote dank uit aan de God die verborgenheden openbaart. Hij dankt en prijst de God van zijn vaderen die hem in dit heidens paleis de droom van Nebukadnazer, en de uitleg ervan,  heeft laten zien.

 

Daniël 2:20-23

Daniël nam het woord en zei:

 

De Naam van God zij geloofd

van eeuwigheid tot in eeuwigheid,

want van Hem is de wijsheid en de kracht.

Hij verandert de tijden en tijdstippen,

Hij zet koningen af en stelt koningen aan,

Hij geeft de wijsheid aan wijzen,

de kennis aan wie verstand hebben.

Hij openbaart diepe en verborgen dingen,

Hij weet wat in het duister is,

want het licht woont bij Hem.

U, God van mijn vaderen, dank en prijs ik,

omdat U mij wijsheid en kracht hebt gegeven,

en mij nu hebt laten weten wat wij van U hebben verzocht,

want U hebt ons de zaak van de koning laten weten.

 

 

(wordt vervolgd)