English & other languages: click here!

Ezechiël 39 Profetie over Gog (deel 2)

Ezechiël 39:1-2 YAHWEH geeft Gog opdracht om Israël aan te vallen.

Ezechiël 39:1-2 En u, mensenkind, profeteer tegen Gog, en zeg: Zo zegt de Heere HEERE: Zie, Ik zál u, Gog, oppervorst van Mesech en Tubal! Ik zal u omkeren, u meeslepen, u doen optrekken uit het uiterste noorden en u op de bergen van Israël brengen,

In de Hebreeuwse literatuur was het gebruikelijk om een ​​verslag uit te brengen, het vervolgens te herhalen en hier en daar enkele aanvullende details te geven. Ezechiël 39:1-8 is een samenvatting van wat werd beschreven in Ezechiël 38. In dit verslag lezen we niet meer over “haken in de kaken slaan om te trekken”, maar  ְשִׁשֵּׁאתִיךָ  sheshetiega dat beter met “voortdrijven” vertaald zou kunnen worden. Er wordt getrokken aan Gog, maar hij wordt ook opgejaagd, voortgedreven. Het is duidelijk dat God in deze hele toedracht de regie heeft.

Dit gebeuren kunnen we vergelijken met het verraad van Judas, die ook slechte plannen in zijn hart had gekoesterd. Yeshua bepaalde op welk moment Judas moest doen wat hij in zijn hart van plan was. Net zo als Gog moest gaan toen God vond dat het de tijd ervoor was. Maar zowel Judas als Gog waren tenvolle verantwoordelijk en zouden hun straf niet ontlopen.

Johannes 13:27 En met het nemen van het stuk brood voer de satan in hem. Jezus dan zei tegen hem: Wat u wilt doen, doe het snel.                                                                                                                                       

Mattheüs 26:24 De Zoon des mensen gaat wel heen zoals over Hem geschreven is, maar wee die mens door wie de Zoon des mensen verraden wordt! Het zou goed voor die mens zijn als hij niet geboren was.

 

Ezechiël 39:3-5 Gog verslagen.

Ezechiël 39:3-5 maar Ik zal uw boog uit uw linkerhand slaan, en uw pijlen uit uw rechterhand doen vallen. 4. Op de bergen van Israël zult u vallen, u en al uw troepen, en de volken die met u zijn. Ik heb u aan allerlei soorten roofvogels en aan de dieren van het veld tot voedsel gegeven. 5. Op het open veld zult u vallen, want Ík heb het gesproken, spreekt de Heere HEERE.

Deze bliksemoorlog verloopt op een heel bijzondere wijze, want het is een oorlog van God. Er wordt niets verteld over een militaire tegenstander, Israël lijkt er helemaal geen strijdende of verdedigende rol in te spelen en dan zijn er ook geen Israëlische slachtoffers. Mogelijk kunnen we het op TV volgen. De wereld zal weten dat dit niet zomaar “iets bovennatuurlijks” is, nee, men zal zelfs moeten erkennen dat dit het werk is van de Schepper van hemel en aarde, die hiermee de heiligheid van Zijn Naam opeist.

De getrainde soldaten laten zo maar hun wapentuig uit handen slaan. Je zou je niet kunnen voorstellen dat er in deze tijd met pijl en boog gevochten wordt, maar Ezechiël had in zijn tijd ook geen ander beeld van oorlogvoering. De ballingen in die tijd moesten de boodschap ook kunnen begrijpen. En wij hebben geen beeld van hoe God dat in zijn werk doet gaan. In ieder geval is het duidelijk dat er heel  veel doden zullen vallen en dat hun lichamen voedsel voor de roofvogels en de dieren van het veld zijn. De slagvelden liggen bezaaid met lijken.  Een ontluisterend einde van hen die zichzelf eer toekenden.

 

Ezechiël 39:6-8 Magog viel zelf aan en Gods naam werd verheerlijkt.

Ezechiël 39:6-8 Ik zal vuur zenden in Magog en onder hen die onbezorgd de kustlanden bewonen. Dan zullen zij weten dat Ik de HEERE ben. 7. Ik zal Mijn heilige Naam te midden van Mijn volk Israël bekendmaken en Mijn heilige Naam niet langer laten ontheiligen. Dan zullen de heidenvolken weten dat Ik de HEERE ben, de Heilige in Israël. 8. Zie, het komt en zal gebeuren, spreekt de Heere HEERE. Dit is de dag waarover Ik gesproken heb.

Het blijkt hier dat het onheil niet beperkt blijft tot Judea en Samaria. Denk aan de rimpelingen in het water die je ziet als je er een steen in gooit. Het begint klein, nauwelijks zichtbaar maar geleidelijk worden de kringen op het water steeds groter. Zo zullen ook de rampen en de gevolgen van deze oorlog zich uitbreiden over de hele aarde en met name het “vuur”, zoals hier genoemd wordt. Het woord “kustlanden”  verwijst niet naar aanwijsbare plaatsen, maar naar niet-gespecificeerde en verre kustlanden of eilanden. 

Meestal worden er met kustlanden in de Bijbel de landen in het Middellandse Zeegebied bedoeld. Maar de profetieën over dit gebeuren laten zien dat de hele aarde hiermee te maken krijgt.  

"Ik zal Mijn heilige Naam te midden van Mijn volk Israël bekendmaken”, God zal deze Gog oorlog gebruiken om Zijn volk tot een herstelde relatie en tot heiligheid te brengen en om de hele wereld de heiligheid van Zijn Naam te demonstreren.  Heel duidelijk zegt Ezechiël, zoals hij ook al deed in Ezechiël 38:17: het gaat echt gebeuren mensen! Deze profetie gaat zonder enige twijfel in vervulling!

De Ring van Vuuris een hoefijzervormig gebied rondom de Grote Oceaan dat gekenmerkt wordt door het veelvuldig optreden van aardbevingen en vulkaanuitbarstingen

 

Ezechiël 39:9-10 Verslagen Gog geplunderd door Israël. 

Ezechiël 39:9-10 De inwoners van de steden van Israël zullen de stad uit gaan, een vuur aansteken en de wapens, de kleine en de grote schilden, de bogen en de pijlen, de handstokken en de speren verbranden. Zij zullen daarvan zeven jaar lang vuur stoken, 10. zodat zij geen hout uit het veld hoeven te halen en niets uit de bossen hoeven te hakken, maar vuur kunnen stoken van de wapens. Zo zullen zij hun plunderaars plunderen en beroven wie hen beroofd hadden, spreekt de Heere HEERE.Van de wapens die door de vijand verloren zijn zullen de inwoners van de steden van Israël maar liefst zeven jaar vuur kunnen stoken.

Volgens Ezechiël 38:12 wilde de vijand Israël beroven, maar het omgekeerde gebeurt.  In het boek “Gods Heilsplan” van H.W. Hoddenbach (blz. 200) las ik met betrekking tot deze verzen het volgende:“Het is voor Bijbelcritici altijd een lachertje geweest. Waar wordt nog houten oorlogstuig gevonden? Maar waarom zouden we hierbij bijvoorbeeld niet mogen denken aan buitgemaakte atoomladingen, met behulp waarvan Israëlische kerncentrales zeven jaar energie kunnen opwekken?”

 

Ezechiël 39:11-16 Verslagen Gog begraven door Israël.

Ezechiël 39:11-16 Op die dag zal het gebeuren dat Ik Gog daar in Israël een plaats voor een graf zal geven, het dal van de reizigers, dat reizigers de weg verspert, ten oosten van de zee. Daar zullen zij Gog en heel zijn menigte begraven en zullen het noemen: Dal van de menigte van Gog. 12. Het huis van Israël zal hen begraven om het land te reinigen, zeven maanden lang. 13. Heel de bevolking van het land zal begraven. En het zal hun tot een naam zijn op de dag dat Ik Mijzelf verheerlijk, spreekt de Heere HEERE. 14. Ook zullen zij mannen afzonderen die voortdurend met de reizigers door het land trekken en hen die op het land achtergebleven zijn, begraven om het land te reinigen. Na verloop van zeven maanden moeten zij op onderzoek uitgaan. 15. En als de reizigers door het land trekken en iemand een menselijk bot ziet, moet hij er een merkteken bij zetten, totdat de doodgravers het begraven hebben in het Dal van de menigte van Gog. 16. (En Hamona is ook de naam van een stad.) Zo zullen zij het land reinigen.

Volgens de Joodse wet moeten doden onmiddellijk begraven worden omdat dode lichamen een bron van rituele en fysieke verontreiniging vormen. Maar vanwege het enorme aantal lijken zal de begrafenis “zeven maanden lang” duren (Ezechiël 39:12). Hoe dat past in de 70e jaarweek en de 3½ jarige termijn van grote verdrukking beschreven in Daniël  9:27 is moeilijk na te gaan. Maar het verloop van de gebeurtenissen staat onder de volmaakte regie van YAHWEH. Ook zal het land gereinigd moeten worden, want bloedvergieten verontreinigt het land (Numeri 35:33-34). De hele bevolking zal betrokken zijn bij het begraven van de gevallenen.

De enorme hoeveelheid doden worden begraven in massagraven ten oosten van de Dode Zee, dat net buiten het Israëlisch grondgebied ligt. Een grote vallei wordt als begraafplaats gekozen. Ontelbare lijken worden geborgen en zeven maanden lang zal Israël een volk van doodgravers zijn (Ezechiël 39:12).

Na die zeven maanden zijn de lijken opgeruimd. Echter, overal liggen nog botresten. Als een voorbijganger dat ziet moet hij er een merkteken bij zetten zodat de daarvoor aangestelde mannen het kunnen begraven. Er wordt een speciale stad gesticht “Hamonah” הֲמוֹן גּוֹג (er staat letterlijk “Hamon Gog = menigte Gog”) en er worden  mannen in vaste dienst aangesteld (als doodgravers, Ezechiël 39: 14). Zij zullen het land reinigen van de laatste resten van Gogs leger.

 

Ezechiël 39:17-20  Groot offerfeest voor de vogels en dieren.

Ezechiël 39:17 En u, mensenkind, zo zegt de Heere HEERE: Zeg tegen alle soorten vogels en tegen alle dieren van het veld: Verzamel u en kom, kom van rondom bijeen, bij Mijn offer, dat Ik breng, een groot offer voor u op de bergen van Israël, en eet vlees en drink bloed. 18. U zult vlees van helden eten en het bloed van de vorsten van het land drinken: van rammen, lammeren, bokken, jonge stieren, allemaal gemest vee van Basan. 19. U zult vet eten tot verzadiging toe en bloed drinken tot dronkenschap toe, van Mijn offer dat Ik voor u gebracht heb. 20. U zult verzadigd worden aan Mijn tafel met paarden en ruiters, helden en alle strijdbare mannen, spreekt de Heere HEERE.

Wat hier gezegd wordt is een nadere uitwerking van Eze 39:4. Dit is de omgekeerde wereld. In plaats van dat mensen zich tegoed doen aan offerdieren, zijn het hier de dieren die mensen mogen eten die geofferd zijn voor de eer van de God van Israël. YAHWEH noemt het “Mijn offer” (verzen 17,19) en “een groot offer” (vers 17) dat Hij brengt. Als er behalve helden en vorsten ook vee van Basan en andere dieren worden genoemd, is dit een vernederende manier van spreken over deze gesneuvelde vijanden. Ze mogen net zoveel eten en drinken (van bloed) zoals ze willen, zelfs al zouden ze er dronken van worden.  Dit gedeelte komt overeen met Jeremia 34:6-7.  

Hier in Jeremia is ook weer sprake van Bozra, de plaats in Edom vanwaar Yeshua strijdend naar voren zal komen met bebloed kleed. (Openbaring 19:13).  Het vertoont dan ook overeenkomst met

Openbaring 19:17 En ik zag één engel dicht bij de zon staan, en hij riep met luide stem naar alle vogels die hoog aan de hemel vlogen: Kom en verzamel u voor het avondmaal van de grote God 18 om te eten vlees van koningen, en vlees van oversten over duizend, en vlees van machtigen, en vlees van paarden en van hen die daarop zitten, en vlees van alle vrijen en van slaven, kleinen en groten.

In Openbaring koppelt Johannes het gebeuren wat in Ezechiël 39 is beschreven aan wat er plaatsvindt bij de slotfase aan het eind van het duizendjarig Vrederijk.

 

Ezechiël 39:21-24 God gerechtvaardigd onder de heidenen.

Ezechiël 39:21 Ik zal Mijn heerlijkheid onder de heidenvolken laten blijken. Alle heidenvolken zullen Mijn oordeel zien dat Ik geveld heb, en Mijn hand, die Ik op hen gelegd heb. 22. Dan zullen zij die van het huis van Israël zijn, weten dat Ik, de HEERE, hun God ben, vanaf die dag en daarna. 23. Dan zullen de heidenvolken weten dat zij die van het huis van Israël zijn, om hun ongerechtigheid in ballingschap zijn gegaan. Omdat zij Mij ontrouw waren, verborg Ik Mijn aangezicht voor hen en gaf Ik hen in de hand van hun tegenstanders, zodat zij allen door het zwaard vielen. 24. Overeenkomstig hun onreinheid en overeenkomstig hun overtredingen heb Ik met hen gehandeld en Ik heb Mijn aangezicht voor hen verborgen.

De heidenvolken hebben nooit begrepen dat Israël het geheiligde volk van YAHWEH was. Ze hebben Israël op een verschrikkelijke manier vervolgd, zoals in de Holocaust. Ze wilden voortdurend beschikken over het land dat God voor Zijn volk had bestemd. Denk aan de anti-Israëlhouding van de NAVO met zijn vele ongegronde resoluties tegen Israël.  Maar Israël had, afgezien van een minderheid, vaak ook geen betrouwbaar geestelijk getuigenis naar de heidenen door Gods wetten na te leven, zoals Mozes dat geboden had:

Deuteronomium 4:6 Neem ze in acht en doe ze; want dat zal uw wijsheid en uw inzicht zijn voor de ogen van de volken, die al deze verordeningen horen zullen en zullen zeggen: Werkelijk, dit grote volk is een wijs en verstandig volk!  Want welk groot volk is er waar de goden zo dichtbij zijn als de HEERE, onze God, bij ons is, altijd als wij tot Hem roepen? 8. En welk groot volk is er dat zulke rechtvaardige verordeningen en bepalingen heeft als heel deze wet, die ik u heden voorhoud?

Daarom zegt YAHWEH door de mond van Ezechiël: “Overeenkomstig hun onreinheid en overeenkomstig hun overtredingen heb Ik met hen gehandeld en Ik heb Mijn aangezicht voor hen verborgen.”

Uit Ezechiëls visioen blijkt dat Israël, tot aan de invasie van Gog en Magog en de door God bewerkte indrukwekkende nederlaag (op de bergen van Israël) van deze geweldige overmacht nog niet beseft dat YAHWEH hun God is. Maar van die dag af zal Israël het echt “weten”. Het moment zal aanbreken dat velen van hen het zullen uitroepen: Baruch ata beshem Adonai: “Gezegend is HIJ (Yeshua) die komt in de Naam van YAHWEH” בָּרוּךְ הַבָּא, בְּשֵׁם יְהוָה  Als dat gebeurt dan zal Israël ook niet meer terugvallen in ongeloof of formalistische lippendienst.  (Ezechiël 39:7) Als Yeshua hun Verlosser en Leidsman is, dan zullen zij een licht voor de volken zijn.

 

Ezechiël 39:25-29 YAHWEH in gemeenschap met Zijn herstelde volk.

Ezechiël 39:25-29 Daarom, zo zegt de Heere HEERE: Ik zal nu een omkeer brengen in de gevangenschap van Jakob, Ik zal Mij ontfermen over heel het huis van Israël en Ik zal het opnemen voor Mijn heilige Naam. 26. Zij zullen hun schande moeten dragen, en heel hun trouwbreuk, die zij tegenover Mij gepleegd hebben toen zij onbezorgd in hun land woonden en er niemand was die hun schrik aanjoeg. 27. Wanneer Ik hen uit de volken terugbreng en hen bijeenbreng uit de landen van hun vijanden, zal Ik door hen voor de ogen van veel heidenvolken geheiligd worden. 28. Dan zullen zij weten dat Ik, de HEERE, hun God ben, omdat Ik hen onder de heidenvolken in ballingschap voerde, maar hen ook weer verzamelde in hun land en niemand van hen daarginds nog liet achterblijven. 29. Ik zal Mijn aangezicht niet meer voor hen verbergen, wanneer Ik Mijn Geest over het huis van Israël heb uitgestort, spreekt de Heere HEERE.

De uitspraak “Ik zal nu een omkeer brengen in de gevangenschap van Jakob” heeft in eerste instantie betrekking op de ballingen in Babel, tot wie Ezechiël sprak. Zij hadden zich na de val van Jeruzalem ongetwijfeld afgevraagd of het wel weer goed zou komen met Israël. Met de terugkeer onder Ezra, Nehemia en Zerubbabel hebben ze een kleine onvolmaakte voorvervulling mogen beleven van wat hier door Ezechiël over Gog geprofeteerd wordt. Van die tijd zegt God: “niemand van hen zal daarginds nog achterblijven!”   

Het feit dat God hier zegt dat Hij zich over HEEL het huis van Israël zal ontfermen, maakt duidelijk dat alle eerdere terugkomsten naar het land maar ten dele en onvolledig zijn geweest. Maar nu in deze eindfase zal God ervoor zorgen dat allen terugkeren naar het Land dat Hij vanouds via Abraham aan hen had toegezegd. En ook dit gebeurt weer om de Heilige Naam van God. Niet om enige verdienste van Israël of gelovigen uit de heidenen. God laat zien Wie Hij is! Men zal met schaamte onder ogen moeten zien hoe liefdeloos hun houding was door niet op Hem te vertrouwen. Dat zal berouw en wedergeboorte tot gevolg hebben. Het zal hen nederig maken en vol bewondering voor de grootheid en de liefde van hun God. Ze zullen begrijpen dat het hun zonden waren waardoor de ballingschap zowel in Babel als die onder de volken, hen was overkomen.

Ik zal Mijn aangezicht niet meer voor hen verbergen”. Dit is de belofte uit de Aäronitische zegen (Numeri 6:25-26) en wanneer gaat dat in vervulling? “wanneer Ik Mijn Geest over het huis van Israël heb uitgestort!” Dan gaat de profetie van Joël 2, die zo vaak ten onrechte voor nu in sommige gemeenschappen gebruikt wordt, in vervulling. Dit is de profetie die vervuld wordt als Gog verslagen is en God Zijn Naam onder Zijn volk en de heidenen geheiligd heeft:

 

Joël 2:1 en 28

Blaas de bazuin in Sion,

sla alarm op Mijn heilige berg,

laat alle inwoners van het land sidderen,

want de dag van de HEERE komt, ja, is nabij!

Daarna zal het geschieden

dat Ik Mijn Geest zal uitstorten op alle vlees:

uw zonen en uw dochters zullen profeteren,

uw ouderen zullen dromen dromen.

uw jongemannen zullen visioenen zien.