English & other languages: click here!

Jeremia 33 - Van ondergang tot herstel

Jeremia zit opgesloten, op het terrein van koning Zedekia. Het is voor YHWH geen belemmering om opnieuw Zijn boodschap naar Zijn profeet en woordvoerder te zenden. (Jer. 33:1 2Tim 2:9  Jer 33:2;  Ef eze 3:1 ; Efeze 4:1). De HEERE vestigt de aandacht van Jeremia eerst op Zichzelf als "YAHWEH, Die het doet" (!! ). Jeremia mag weten dat hij, net als Paulus, een gevangene van Hem is.De HEERE vormt Zijn plan en Zijn voornemen. Hij werkt aan een plan en voert het ook uit. “YAHWEH is Zijn Naam.” Die staat garant voor alles wat Hij openbaart. Hij zal zich over Jeruzalem ontfermen en zal een Spruit van gerechtigheid doen uitspruiten. Deze Messías zal zowel Koning als Priester zijn.


Jeremia 33:1-3 Het woord van de HEERE kwam voor de tweede keer tot Jeremia, toen hij nog opgesloten zat op het binnenplein van de wacht: 2. Zo zegt de HEERE, Die het doet, de HEERE, Die het vormt om het te bevestigen – HEERE is Zijn Naam: 3. Roep tot Mij, en Ik zal u antwoorden, Ik zal u grote en onbegrijpelijke dingen bekendmaken, die u niet weet.


Toen hij nog opgesloten zat op het binnenplein van de wacht....... Net zoals in het vorige hoofdstuk kwam dit woord tot Jeremia tijdens de verschrikkelijke laatste belegering van de Babyloniërs rondom de muren van Jeruzalem in de laatste jaren van koning Zedekia's regering. Zedekia zette Jeremia in de koninklijke gevangenis omdat hij in de naam van de HEER had gepredikt dat de Babyloniërs erin zouden slagen om hen te overwinnen (Jeremia 32:1-5).

Die het doet, de HEERE, Die het vormt om het te bevestigen....... wat God openbaart gaat ook gebeuren, want YHWH doet het! Hij zal bevestigen wat Hij belooft.

Roep tot Mij, en Ik zal u antwoorden...... YHWH moedigt Jeremia aan om tot Hem te roepen, dat wil zeggen "in gebed te gaan". Nu zal Jeremia dat ongetwijfeld veel gedaan hebben, maar het gaat hier om het tweede deel van de zin: Jeremia mag op antwoord rekenen!! Dat is een bemoediging..... vraag maar rustig..... Ik zal het doen!!

Ik zal u grote en onbegrijpelijke dingen bekendmaken, die u niet weet.......De HEERE is tot alles in staat! Grote, onbegrijpelijke dingen kan en zal Hij doen voor wie tot Hem roepen, meer dan enig mens zich kan voorstellen (v. 1-3). Midden in de angst en moeite van oorlog en vernieling krijgt Jeremia dit te horen. God zegt erbij wat Hij van plan is te doen: een machtige belofte!

Deze belofte is vooral opmerkelijk gezien de omstandigheden: het doorstaan van de verschrikking van een belegering ​​en de spoedige vervulling van het geprofeteerde oordeel. Zelfs nu het oordeel voor de deur staat, spreekt God een woord van hoop, uitnodiging en geloof tot Jeremia en Jeruzalem.


Jeremia 33:4-9 Want zo zegt de HEERE, de God van Israël, van de huizen van deze stad en van de huizen van de koningen van Juda die zijn afgebroken voor de belegeringsdammen en voor het zwaard, 5. waar ze zijn gekomen om te strijden tegen de Chaldeeën: Het is om ze te vullen met de dode lichamen van mensen die Ik verslagen heb in Mijn toorn en in Mijn grimmigheid, en omdat Ik Mijn aangezicht voor deze stad verborgen heb om al hun kwaad. 6. Zie, Ik ga haar herstel en genezing bevorderen, Ik zal hen genezen: een overvloed van duurzame vrede zal Ik hun bekendmaken. 7. Ik zal een omkeer brengen in de gevangenschap van Juda en in de gevangenschap van Israël, en hen opbouwen als vroeger. 8. Ik zal hen reinigen van al hun ongerechtigheid, waarmee zij tegen Mij gezondigd hebben. Ik zal al hun ongerechtigheden vergeven, waarmee zij tegen Mij gezondigd hebben, en waarmee zij tegen Mij in opstand zijn gekomen. 9. Het zal voor Mij worden tot een vreugdevolle naam, tot roem en tot luister bij alle heidenvolken van de aarde, die al het goede zullen horen dat Ik hun doe. Zij zullen beangst zijn en sidderen vanwege al het goede en vanwege al de vrede die Ik het verschaf.


de huizen van deze stad en van de huizen van de koningen van Juda die zijn afgebroken voor de belegeringsdammen..... de HEERE gaat niet voorbij aan de situatie zoals die er ligt. Jeruzalem is een stad in oorlog; mensen sterven, huizen worden afgebroken, men probeert zich te verdedigen zolang het nog kan (v. 4,5). En God weet dat. Juist daardoor wordt het contrast tussen hoe het nu is en hoe het straks zal zijn, heel scherp. 

ze zijn gekomen om te strijden tegen de Chaldeeën: Het is om ze te vullen met de dode lichamen....... de HEERE laat hier de zinloosheid van de verdediging van Jeruzalem zien. Ze hadden kunnen weten dat dit niets zou opleveren, als ze Zijn woorden, door Jeremia geprofeteerd,  ter harte hadden genomen. Het oordeel was onvermijdelijk en de enige manier om te overleven was om zich over te geven aan de Babyloniërs. Vanwege Gods toorn ligt de stad vol met omgekomen Judese strijders. 

Ik ga haar herstel en genezing bevorderen, Ik zal hen genezen: een overvloed van duurzame vrede.......  De stad, het land en het volk zullen hersteld worden. God zal zonden vergeven. Er zal weer sprake zijn van vrede en welvaart (v. 6-8,12,13).  

Ik zal een omkeer brengen in de gevangenschap van Juda en in de gevangenschap van Israël, en hen opbouwen als vroeger. 8. Ik zal hen reinigen van al hun ongerechtigheid....... deze belofte geldt weer voor het complete volk Israël, d.w.z. het tienstammenrijk en het tweestammenrijk. Zij zullen bevrijd worden uit de gevangenschap en gereinigd van hun ongerechtigheid. Er zal meer dan herstel plaatsvinden! Maar dit moet nog in vervulling gaan als Gods Koninkrijk op aarde gevestigd zal worden.

tot roem en tot luister bij alle heidenvolken van de aarde..... wat God beoogde bij de wetgeving op de Sinaï was dat de volken zouden opmerken welke zegeningen er zouden zijn bij Gods volk:
Deuteronomium 4:8 En welk groot volk is er dat zulke rechtvaardige verordeningen en bepalingen heeft als heel deze wet, die ik u heden voorhoud?

Dat zou tot roem en luister zijn, tot eer van Gods naam. Helaas, zover kwam het niet. Maar God komt tot dat doel, via een andere weg, de weg van oordeel en herstel.  


Jeremia 33:10-11 Zo zegt de HEERE: In deze plaats, waarvan u zegt: Zij ligt verwoest, zodat er geen mens en geen dier meer is – in de steden van Juda en op de straten van Jeruzalem, die zo verwoest zijn, dat er geen mens, geen inwoner en geen dier meer in te vinden is, zal weer gehoord worden 11. de stem van de vreugde, de stem van de blijdschap, de stem van de bruidegom en de stem van de bruid, de stem van hen die zeggen:

Loof de HEERE van de legermachten, want de HEERE is goed, want Zijn goedertierenheid is voor eeuwig,

en de stem van hen die in het huis van de HEERE een lofoffer brengen. Ik zal namelijk een omkeer brengen in de gevangenschap van het land, zodat het weer wordt als vroeger, zegt de HEERE.


In deze plaats.....verwoest, zonder mens en dier, zal worden gehoord....... de geluiden die je in een belegerde en verwoeste stad hoort zijn niet bepaald opwekkend: geschreeuw, gereun, rouwklacht,  het ineenstorten van wat gebouwd is, en dan de beladen stilte als alles dood en tot zwijgen is gebracht.

maar......er zal weer gehoord worden..... vreugdeklanken, gelach, blijdschap, huwelijksfeest enz. Er zal weer sprake zijn van vrede en welvaart (v. 6-8,12,13). Alle blijdschap van het dagelijks leven zal terugkomen (v. 10, 11a). En de HEERE zal weer geëerd worden in Juda (v. 9, 11b). Maar er is nog meer! YAHWEH zal weer vereerd en geprezen worden met de woorden waarmee de Psalm 106 en Psalm 136 beginnen. Dit geeft aan dat de tempel zal worden herbouwd. 

De tempelzangen zullen klinken. Het is de voorlopige vervulling na de ballingschap en de uiteindelijke vervulling zal plaats vinden in Gods Koninkrijk. 


Jeremia 33:12-13 Zo zegt de HEERE van de legermachten: In deze plaats – hij ligt verwoest, zodat er geen mens en geen dier meer in te vinden is – en in al zijn steden zal weer een weideplaats voor herders zijn die de kudde doen neerliggen. 13. In de steden van het Bergland, in de steden van het Laagland, in de steden van het Zuiderland, in het land van Benjamin, in de omstreken van Jeruzalem en in de steden van Juda zullen de kudden weer onder de handen van de teller doorgaan, zegt de HEERE.


Er zal weer een weideplaats voor herders zijn die de kudde doen neerliggen....... 

In Jeremia 26:35 schreef de profeet: "Hoor het geschreeuw van de herders, en het gejammer van de gebieders van de kudde, omdat de HEERE hun weide verwoest", maar hier is de belofte van vrede en van het vrederijk: het vredige tafereel van de herder die zijn schapen goed verzorgt. Een beeld van De Grote Herder! 

In de steden van het Bergland, in de steden van het Laagland...... de weidegronden liggen logischerwijze rondom de steden.  In feite wordt in deze tekst het hele gebied van Israël van de 12 stammen beschreven. 

Er worden weer, net als vroeger, schapen geteld die onder de handen van de teller doorgaan. Het betekent dat er weer werk en welvaart zal zijn. 


Jeremia 33:14-17 Zie, er komen dagen, spreekt de HEERE, dat Ik het goede woord gestand zal doen dat Ik gesproken heb tot het huis van Israël en over het huis van Juda. 15. In die dagen en in die tijd zal Ik voor David een SPRUIT van gerechtigheid doen opkomen. Hij zal recht en gerechtigheid doen op aarde. 16. In die dagen zal Juda verlost worden en zal Jeruzalem onbezorgd wonen. Dit is hoe men de stad noemen zal: DE HEERE ONZE GERECHTIGHEID. 17. Want zo zegt de HEERE: Aan David zal het niet aan een man ontbreken die op de troon van het huis van Israël zit, 18. en aan de Levitische priesters zal geen man voor Mijn aangezicht ontbreken die het brandoffer brengt, het graanoffer in rook laat opgaan en het slachtoffer bereidt, alle dagen.


In de verzen 14 t/m 26 wordt de voorzegging van de komst van de Messias in Jeremia 23:5-6 herhaald, en tevens aangevuld met de verzekering dat het koningshuis van David zal blijven bestaan. Dat huis zal eens de toegezegde beloofde grote Koning voortbrengen.

dat Ik het goede woord gestand zal doen dat Ik gesproken heb....... deze beloften van herstel werden  gedeeltelijk vervuld onder Ezra en Nehemia, maar worden geheel vervuld met de voltooiing van het nieuwe verbond: het aanbreken van Gods Koninkrijk op aarde. 

In die dagen en in die tijd zal Ik voor David een SPRUIT van gerechtigheid doen opkomen...... dit werd ook al beloofd in Jeremia 23:5-6. Aan David was nageslacht beloofd dat eeuwig op de troon zou zitten ( zie 2 Sam. 7:12-16). Deze koning wordt een SPRUIT DER GERECHTIGHEID genoemd. Ook Jesaja spreekt over een Messíaanse Koning Die als een Scheut zal voortkomen uit de wortel van Isaï (Jes. 11:1). In Zacharia 3:8 wordt Gods Knecht aangeduid als de Spruit. Een vergelijking van deze teksten met Lukas 1 vers 31-33 laat zien dat met de Spruit de Messías wordt bedoeld, Yeshua de Messias. Zijn Rijk zal eenmaal volmaakt heerlijk zijn (1 Kor. 15:24-25). Wat waren die beloften?

1 Samuel 7:12-16 Toen nam Samuel een steen en plaatste die tussen Mizpa en Sen; hij gaf hem de naam Eben-Haëzer en zei: Tot hiertoe heeft de HEERE ons geholpen. 13. Zo werden de Filistijnen vernederd, en zij kwamen niet meer in het gebied van Israël, want al de dagen van Samuel was de hand van de HEERE tegen de Filistijnen. 14. De steden die de Filistijnen van Israël afgenomen hadden, kwamen weer in bezit van Israël, van Ekron tot Gath; ook ontrukte Israël het bijbehorende gebied aan de macht van de Filistijnen. Ook was er vrede tussen Israël en de Amorieten. 15. Samuel gaf leiding aan Israël al de dagen van zijn leven. 16. Hij ging van jaar tot jaar het land rond, langs Bethel, Gilgal en Mizpa, en hij gaf leiding aan Israël in al die plaatsen.

1 Koningen 2:1-4 Toen de dagen van David naderbij kwamen dat hij zou sterven, gebood hij zijn zoon Salomo: 2. Ik ga de weg van heel de aarde. Wees dan sterk en wees een man. 3. Vervul je taak ten behoeve van de HEERE, je God, door in Zijn wegen te gaan, en door Zijn verordeningen, Zijn geboden, Zijn bepalingen en Zijn getuigenissen in acht te nemen, zoals geschreven staat in de wet van Mozes, opdat je verstandig zult handelen bij alles wat je doet, bij alles waar je je op richt. 4. Opdat de HEERE Zijn woord dat Hij over mij gesproken heeft, gestand zal doen: Als jouw zonen op hun weg letten, door trouw met heel hun hart en met heel hun ziel voor Mijn aangezicht te wandelen, zal het je niet ontbreken aan een man op de troon van Israël.

Zie ook: 1 Koningen 8:25; 1 Koningen 9:4-5; Psalm 89:4; Psalm 132:11; Lukas 1:31-33.

Aan David zal het niet aan een man ontbreken die op de troon van het huis van Israël zit..... "aan een Man ontbreken (letterlijk staat er in het Hebreeuws: zal niet worden afgesneden een Man Die op de troon van het huis van Israël zit”. Deze belofte is eerder aan David gedaan (1 Kon. 2:4). Nu 400 jaar na de dood van David wordt dit opnieuw geprofeteerd. Het is duidelijk dat ook deze belofte betrekking heeft op het komende Koninkrijk van God op aarde. waar Yeshua op de troon zit.   

aan de Levitische priesters zal geen man voor Mijn aangezicht ontbreken ...... YHWH bevestigt ook Zijn verbond met Aärons kleinzoon Pinehas (Pinchas), dat er een eeuwig priesterschap zal zijn (zie Num. 25:12-13). De Messias is zowel koning als priester (Psalm 110 – Hebr. 6:20)


Jeremia 33:19-22 En het woord van de HEERE kwam tot Jeremia: 20. Zo zegt de HEERE: Als u Mijn verbond met de dag en Mijn verbond met de nacht kunt verbreken, zodat dag en nacht er niet meer op hun tijd zullen zijn, 21. dan zal ook Mijn verbond met Mijn dienaar David verbroken kunnen worden, zodat hij geen zoon zal hebben die koning is op zijn troon, en ook het verbond met de Levieten, de priesters, Mijn dienaren. 22. Zoals het leger aan de hemel niet geteld en het zand van de zee niet gemeten kan worden, zo talrijk zal Ik het nageslacht van Mijn dienaar David maken, en de Levieten, die Mij dienen.


Als u Mijn verbond met de dag en Mijn verbond met de nacht kunt verbreken..... Als een mens iets zou kunnen veranderen aan het komen en gaan van dag en nacht, als alle sterren en zand geteld zouden kunnen worden, dan zou Gods verbond en trouw geen stand meer houden. Onmogelijk dus! Dit komt overeen met wat Jeremia in hoofdstuk 31 schreef: 

Jeremia 31:35-37 Zo zegt de HEERE, Die de zon tot een licht geeft overdag en de vaste orde van maan en sterren tot een licht in de nacht, Die de zee opzweept, zodat haar golven bruisen, HEERE van de legermachten is Zijn Naam. 36. Als deze verordeningen ooit zouden wijken van voor Mijn aangezicht, spreekt de HEERE, dan zou ook het nageslacht van Israël ophouden een volk voor Mijn aangezicht te zijn, alle dagen! 37. Zo zegt de HEERE: Als de hemel hierboven ooit opgemeten zou kunnen worden en de fundamenten van de aarde beneden onderzocht zouden kunnen worden, dan zou ook Ik heel het nageslacht van Israël verwerpen, om alles wat zij gedaan hebben, spreekt de HEERE.

zodat hij geen zoon zal hebben die koning is op zijn troon...... Om de rijkdom van de beloften aan David en de Levieten te omschrijven wordt een beeld gebruikt uit de belofte aan Abraham (Gen. 22:17). Zo ontelbaar als de sterren en zo onmeetbaar als het zand van de zee zal het nageslacht van David en Levi (Zadok)zijn.  


Jeremia 33:23-24 Het woord van de HEERE kwam tot Jeremia: 24. Hebt u niet gemerkt wat dit volk spreekt: De twee geslachten die de HEERE verkozen had, die heeft Hij nu verworpen? Ja, zij verwerpen Mijn volk, zodat het voor hen geen volk meer is.


De twee geslachten die de HEERE verkozen had, die heeft Hij nu verworpen.....? De HEERE verwerpt zijn volk niet voor eeuwig. Hij is genadig en trouw. Hij zal Zich in liefde en bewogenheid met de zijnen bezighouden. Jeremia kon er nog niets van weten hoe God dat zou doen, maar hij mocht er al wel iets van aangeven.

zij verwerpen Mijn volk, zodat het voor hen geen volk meer is....... pas als YHWH de afwisseling van dag en nacht niet meer in stand houdt, dan zou het volk verworpen zijn. Maar Gods beloften blijven eeuwig van kracht. Degenen die zeggen dat God hen als volk heeft verworpen, begaan de grote zonde van het verachten van Zijn volk.


Jeremia 33:25-26 Zo zegt de HEERE: Als Mijn verbond met de dag en de nacht er niet is, als Ik de vaste orde van de hemel en de aarde niet geregeld heb, 26. dan zal Ik ook het nageslacht van Jakob en van Mijn dienaar David verwerpen, zodat Ik uit zijn nageslacht geen heersers over het nageslacht van Abraham, Izak en Jakob zal nemen. Want Ik zal een omkeer brengen in hun gevangenschap en Mij over hen ontfermen.


Opnieuw herhaalt Jeremia het verbond met de dag en de nacht dat hij ook in vers 20 noemde. Niemand van ons heeft zich er ooit druk over gemaakt of vanavond de zon wel onder zal gaan. Niemand is ooit in paniek geweest of hij vannacht nog wel slapen kan, omdat de nacht niet zou intreden. En in de nacht kan je bij lang wakker liggen nog wel eens wanhopen of het ooit nog licht wordt, maar toch: het is na de nacht altijd weer licht geworden. De afwisseling van dag en nacht is zeker, en is tot op de minuut vooruit te voorspellen. We hoeven ons daar geen zorgen over te maken, en kunnen daar vast op vertrouwen. We zijn in dat vertrouwen nog nooit teleurgesteld. Zo betrouwbaar zijn Gods beloften nu ook!! Geen twijfel mogelijk. 

De stad Jeruzalem ligt omsingeld, en staat op het punt om ingenomen te worden door de Babyloniërs. God gaat Zijn volk straffen voor hun zonden. Maar in dit "kleine troostboek", zoals men de hoofdstukken 31 tot en met 33 wel eens noemt, komt God met Zijn beloften, die zo vast zijn als het wisselen van dag en nacht. Dit geeft moed voor hen die geloven ook al wordt alles om je heen afgebroken. Laten we dit geloof vasthouden als de oordelen over de wereld komen!

Wij hebben de komst van Gods gerechtigheid en zijn Koninkrijk gezien in de komst van Yeshua de Messias, en de grote toekomst van heil en gerechtigheid komt iedere dag dichterbij. Wat heerlijk dat we daar zeker van mogen zijn. God belooft niet alleen tijdelijk herstel van het land Israël, maar blijvend heil en gerechtigheid.